Noordhoff Uitgevers

ADHD

'Wat maak je toch weer een lawaai.' 'Kun je nou niet eventjes stilzitten en luisteren?' 'Hoe vaak heb ik nu gezegd dat je aan tafel moet blijven.'
Sommige kinderen horen de hele dag niet anders. Natuurlijk is dat niet leuk. Vooral niet als je het niet kunt helpen dat je druk bent. Bijvoorbeeld als je last hebt van ADHD. Dat is een afkorting voor Attention Deficit and Hyperactivity Disorder. Dat is Engels en betekent: aandachttekort met hyperactiviteit. Als je ADHD hebt, kun je je niet goed concentreren. Het is dan bijna onmogelijk om je aandacht bij één ding te houden. En je bent erg beweeglijk. Vijf minuten stilzitten is een zware opgave.

Kinderen met ADHD kunnen het wiebelen en friemelen niet laten.

Diagnose

Hoe weet je nu of je ADHD hebt? Dat kan alleen de dokter je vertellen. Tenminste, als je eerst bent onderzocht door een specialist. Bijvoorbeeld een kinderpsychiater. Hij of zij weet veel over de manier waarop kinderen denken en reageren. Eerst moet de specialist het probleem vaststellen. Dat heet de diagnose stellen. Want als je druk bent, kan er van alles aan de hand zijn. Misschien ben je allergisch voor een bepaalde stof in je eten. Sommige kinderen gaan van suiker bijvoorbeeld helemaal 'uit hun dak'. Je kunt ook druk en opstandig zijn omdat je zo vaak gepest wordt. En natuurlijk heeft het ene kind een driftiger karakter dan het andere.

Een psychiater moet je eerst goed onderzoeken. Hij moet zo veel mogelijk van je af weten voor hij een diagnose kan stellen.

Hulp

Je ouders en jij kunnen te horen krijgen dat je ADHD hebt. Over de oorzaken van ADHD is nog lang niet alles bekend. Wel weten we dat er sprake is van een stoornis in de hersenen. Je kunt er dus niets aan doen, dat je zo druk bent. Ook ben je niet de enige die het heeft. Twee tot vijf procent van alle kinderen heeft er in meer of mindere mate last van. Vijf procent is één op elke twintig kinderen!
ADHD gaat nooit echt over, je kunt het niet genezen. Gelukkig is er wel veel aan te doen. Zodat je er beter mee om kunt gaan. Er zijn medicijnen die je hoofd iets rustiger maken. Daardoor kun je je aandacht langer vasthouden. Dit soort medicijnen heten stimulerende medicijnen.
Alleen medicijnen is niet genoeg. Je hebt ook steun en aanmoediging nodig. Van je ouders en van je leerkracht. Om je te helpen je aan de afspraken en regels te houden. Wat echt helpt, is het geven van een complimentje als het goed gaat. Je leerkracht steunt je ook door je korte opdrachten te geven. En door ervoor te zorgen dat je geregeld even kunt bewegen. Misschien mag je wat vaker een klusje doen of even naar het toilet.
Je ouders kunnen ook met je in therapie gaan. Dan gaan jullie verschillende keren naar een therapeut, een hulpverlener. Die praat met jullie en geeft adviezen. Er zijn ook therapeuten die oefeningen doen met het hele gezin. Ouders, broertjes en zusjes kunnen leren anders te reageren op het drukke gedrag. Zo wordt de sfeer in het gezin gezelliger.

Details en informatie

  • Titel: ADHD
  • Auteur(s): Yvonne van Osch
  • Nummer: IC118
  • Niveau: 4
  • Siso: J 464