Noordhoff Uitgevers

Animatiefilms

Animatie kan figuurtjes tot leven brengen. In een animatiefilm kan alles. Een vis kan lopen, een boom kan praten. Zo’n film bestaat uit heel veel plaatjes. Die moeten stuk voor stuk gemaakt worden. In een animatiefilm van een kwartier zit soms wel twee jaar werk! Het werken aan een animatiefilm gebeurt in een studio
Animaties worden in bioscoopfilms gebruikt. Maar je kunt ze ook zien in reclames, apps en games. Hoe kan het nou dat al die losse plaatjes lijken te bewegen? Eén seconde film bestaat uit 24 beelden. Maar zoveel plaatjes in zo’n korte tijd, dat kunnen onze ogen niet verwerken. We zien de plaatjes daarom steeds even over elkaar heen. Daardoor lijkt het alsof ze bewegen. 
Bekijk je deze plaatjes snel achter elkaar, dan galoppeert het paard.

Eerste animatiefilms 

De eerste animatiefilms waren tekenfilms. Daarvoor worden plaatjes getekend. Van iedere tekening wordt een foto gemaakt. Speel je die snel achter elkaar af, dan zie je een getekend filmpje. Walt Disney was de meester van de tekenfilm. Hij richtte zijn studio op in 1920 en maakte tekenfilms zoals Assepoester, Pinokkio en Bambi. Hij bedacht ook Mickey Mouse en Donald Duck. Zo’n figuur in een animatiefilm noem je een karakter
Tekeningen zijn ‘plat’, maar de beelden van een stop-motion-film zijn drie-dimensionaal (3D). De figuren worden gemaakt van klei, stof, hout of papier. De filmmaker beweegt ze steeds een heel klein stukje en maakt dan een foto. Tegenwoordig worden de meeste animatiefilms met de computer gemaakt. Dat noem je digitaal. De filmmaker bedenkt een figuurtje en maakt dat op zijn computer. Hij kan het helemaal zo maken als hij zelf wil. Hij kan het poppetje ook laten bewegen. 

Shaun het schaap is een stop-motion-animatie. Alle figuren zijn van klei gemaakt.

Bedenken en maken 

Het maken van een animatiefilm begint met het bedenken van een verhaal. Dat verhaal wordt eerst opgeschreven. Daarna worden er tekeningen van gemaakt. De ideeën voor de verhalen in animatiefilms komen overal vandaan. Soms is het helemaal verzonnen. Soms gingen de filmmakers op reis. De makers van Brave gingen in Schotland kijken. Het kasteel dat ze zagen, kun je zien in de film. Naast een verhaal heeft een animatiefilm natuurlijk ook karakters nodig. Aan de manier waarop die praten en bewegen kun je veel zien. Walt Disney was een van de eersten die de figuren in zijn tekenfilms als echte personen zag. De filmmaker moet ook bedenken of hij een tekenfilm, een stop-motion-film of een digitale animatiefilm gaat maken.  
Je kunt ook zelf een animatiefilm maken. Een stop-motion-film is een mooie manier om te beginnen. Hoe meer je oefent, hoe beter je wordt! 

Dit is een samenvatting van Junior-Informatieboekje 51 Animatiefilms.


 

Details en informatie

  • Titel: Animatiefilms
  • Auteur(s): Susan Schaeffer
  • Nummer: 51
  • Niveau: 2
  • Siso: J 798.85