Noordhoff Uitgevers

Australië

Australië is een bijzonder land. Het lijkt een eiland, maar is toch een werelddeel. Het land ligt bijna onder onze voeten, aan de andere kant van de wereldbol. Vanuit Nederland gezien lopen Australiërs altijd ondersteboven! Er wonen dieren die nergens anders voorkomen, zoals kangoeroes en koalabeertjes. Australië is 187 keer groter dan Nederland. Toch wonen er maar 19 miljoen mensen. Het grootste deel van het land bestaat uit woestijnen. Daar is het te droog en te heet om te wonen. De meeste mensen leven aan de oostkust, waar de bodem vruchtbaar is. Daar liggen enkele grote steden, onder andere de hoofdstad Canberra. Die stad werd speciaal als hoofdstad gebouwd. Dat gebeurde omdat de steden Sydney en Melbourne het er niet over eens konden worden welke stad de hoofdstad zou moeten zijn.

Australië werd in 1605 ontdekt door Nederlandse zeelieden. Die vonden het maar een saai en droog land waar niets te halen viel.



In het binnenland van Australië is het droog en leeg. Een groot, leeg land

Australië is een groot, vlak land. Alleen in het oosten langs de kust liggen bergen, de Australische Alpen. Echt hoog zijn ze niet, amper tweeduizend meter. Langs de oostkust is het 's zomers lekker weer. Niet te heet, zo rond de 25 graden. In de droge zomers zijn er vaak bosbranden door blikseminslag.
Het grootste deel van Australië bestaat uit woestijn. Het binnenland heet de Outback. Er woont bijna niemand. In het noorden liggen regenwouden. Deze wouden liggen in de tropen. Er is een regentijd en een droge tijd. Twee belangrijke rivieren zijn de Murray en de Darling in het zuidoosten.
De boeren in het binnenland wonen ver van elkaar. Voor een bezoek aan je buurman moet je vaak twee uur met de auto rijden. Zieken en gewonden worden per vliegtuig opgehaald. Dat doen de Flying Doctors, de vliegende dokters.



Het beroemde operagebouw van Sydney.


In 1770 bereikte de Engelse ontdekkingsreiziger James Cook Australië. Toen hij er aankwam, woonden er al duizenden jaren aboriginals. Ze leefden van de jacht en vruchten en wortels die ze verzamelden. Na 1770 emigreerden veel Engelsen naar dit werelddeel. Ook andere Europeanen trokken naar dit lege land, onder wie Nederlanders. Ze wilden er een betere toekomst opbouwen. In 1901 werd Australië onafhankelijk.

Omdat het in Australië vaak mooi weer is, zijn de mensen er vaak buiten. Ze besteden niet veel aandacht aan de inrichting van hun huis. Dat is meestal van hout met een dak van golfplaten. Bovendien ligt er vaak een grote tuin omheen. En dat is weer handig voor de barbecue, waar Australiërs dol op zijn.
In Australië worden heel veel schapen gehouden. Die kunnen goed tegen het droge klimaat. Australië exporteert veel wol en verdient daar geld mee. In de bodem zitten veel delfstoffen zoals bauxiet, ijzererts, goud en steenkool. De meeste Australiërs werken in de dienstensector. Ze werken bijvoorbeeld in winkels, hotels, banken of bij de overheid. Daarnaast verdienen veel mensen ook aan het toerisme. Want door de prachtige natuur, het heerlijke weer en de mooie steden komen er veel toeristen. Vooral uit Azië. Want voor Europeanen is de reis erg lang.
Australiërs houden in het algemeen van sporten. Populair zijn zwemmen, rugby, tennis, Australisch voetbal, cricket en surfen.
In Australië wordt Engels gesproken, maar dan wel op een eigen manier. Veel woorden worden afgekort. Barbecue wordt 'barbie', breakfast (ontbijt) wordt 'brekkie' en een Australiër heet daar een Aussie.

Details en informatie

  • Titel: Australië
  • Auteur(s): Kim Nelissen
  • Nummer: IC100
  • Niveau: 3
  • Siso: Australië