Noordhoff Uitgevers

Brillen

Niet iedereen heeft even goede ogen. Gelukkig bestaan er brillen. Veel kinderen merken op school dat ze niet goed zien. Ze kunnen bijvoorbeeld niet lezen wat de meester of juf op het bord schrijft. Als je merkt dat je niet goed kunt zien, ga je naar een oogarts. Die onderzoekt je ogen. Hij schrijft daarna een recept uit. Dat laat je aan een opticien (zeg: optisjen) zien. Hij helpt je bij het uitzoeken van een goed montuur. De glazen moeten speciaal geslepen worden. Een bril moet lekker zitten en mooi staan.

In een brillenwinkel zoek je een montuur uit dat lekker zit en bij je staat.

Hol en bol

Een bril zorgt ervoor dat mensen met slechte ogen toch goed kunnen zien. Als mensen een bril dragen, zijn ze verziend of bijziend. Brillen voor verziende mensen hebben bolle glazen. Brillen voor bijziende mensen hebben holle glazen. De sterkte van de glazen wordt in cijfers uitgedrukt. Ben je erg verziend, dan heb je misschien wel +6. Je kunt dan niet zonder bril. Heb je +1, dan valt het wel mee. Je hoeft je bril alleen op als je gaat lezen of schrijven. Hoe sterker de bril is, hoe sterker de glazen zijn. Vroeger waren glazen dikker dan nu. Brillenglazen kunnen tegenwoordig heel dun geslepen worden.

Vroeger waren er geen brillen. Er waren wel zogenaamde leesstenen. Dat waren bolle stukken glas die mensen op een boek legden. De letters werden er groter door. Later tilden mensen die leessteen op en hielden hem voor een oog. Dat maakte de letters nog groter. Veel later maakte iemand de leessteen met touwtjes vast achter zijn oren. Dat was het begin van de bril. Pas in de achttiende eeuw werden de pootjes van de bril uitgevonden. Brillen werden heel lang alleen maar gedragen door mensen die konden lezen en schrijven. Dokters bijvoorbeeld. Veel mensen konden vroeger niet lezen of schrijven. Daardoor merkten ze meestal niet dat ze slecht zagen. Ze waren eraan gewend.

Je ogen zijn erg kwetsbaar. Ze kunnen niet goed tegen zon. En van harde wind gaan ze tranen. Daarom liggen je ogen wat dieper in de schedel. Oogleden en wimpers beschermen de ogen ook. Maar soms is dat niet genoeg. Er zijn speciale brillen die je ogen beschermen. Bij het skiën bijvoorbeeld. Als je van een berg afsuist, vangen je ogen veel wind. De sneeuw kaatst ook nog eens alle zon terug. Goede redenen om een skibril op te zetten. Ook bij sommige beroepen dragen mensen brillen. Mannen die lassen, dragen beschermkappen met glas erin.

In dit laboratorium dragen mensen een bril als bescherming.

Details en informatie

  • Titel: Brillen
  • Auteur(s): Marion de Graaff
  • Nummer: jc058
  • Niveau: 2
  • Siso: J 536.1