Noordhoff Uitgevers

De dierenarts

Wist je dat er meer dieren dan mensen in Nederland wonen? Een groot aantal van de dieren woont bij mensen. Als gewoon huisdier of op de boerderij als landbouwhuisdier. In dierentuinen en kinderboerderijen leven ook allerlei beesten. Ze worden daar door hun verzorgers vertroeteld. In de natuur moeten zieke dieren het zelf maar uitzoeken. Dieren die bij mensen wonen, gaan soms naar de dierenarts.
Een dierenarts heeft overal verstand van. Hij is tandarts, chirurg, huisarts en verloskundige tegelijk. De ene dag geeft hij een konijn een injectie tegen huidmijt. Of verwijdert hij tandsteen bij een hond. De andere dag opereert hij een gewonde zwaan of helpt hij een jongetje met een hoogzwangere cavia.

Dierenartsen zijn lang niet altijd mannen. Veertig procent van alle dierenartsen is vrouw.

De dierenkliniek

Als je dier ziek is, ga je ermee naar de dierenkliniek of dierenpraktijk. In een grote dierenkliniek werken vaak verschillende dierenartsen. De ene is bijvoorbeeld gespecialiseerd in huisdieren, de andere in het grote vee op de boerderijen. Er zijn ook dierenartsen die alles weten van exotische huisdieren. Bijvoorbeeld van slangen, schildpadden en leguanen.
In een dierenkliniek gaat het eigenlijk net zoals in een ziekenhuis voor mensen. Er is een wachtkamer, een spreekkamer en een operatiekamer. De dierenartsassistente ontvangt de patiënten met hun baasjes. Ook helpt ze de dierenarts bij behandelingen en operaties.
Na een operatie gaan de dieren naar de Intensive Care. Daar zie je geen bedden met allemaal apparaten, maar grote en kleine kooien. De 'patiënten' kunnen er rustig bijkomen van hun narcose. Want dieren worden natuurlijk ook verdoofd voor een operatie.

De dierenarts en de assistente houden geopereerde dieren nog een poosje in observatie.

De dierentuinarts, een 'duizendpoot'

Natuurlijk worden er in dierentuinen ook wel eens dieren ziek. Dan roept de verzorger de dierentuinarts erbij. Die moet echt overal verstand van hebben. Want hij behandelt allerlei dieren. Van woestijnratjes tot olifanten, sneeuwuilen en krokodillen. Sommige dieren kunnen niet zomaar worden onderzocht. Bijvoorbeeld leeuwen. Die moeten eerst worden verdoofd door een injectie. De dierenarts schiet de spuit met narcosevloeistof met een speciaal geweer in het lijf van de zieke leeuw. Daarna luistert de dierenarts met een stethoscoop naar de hartslag van het beest. Jouw huisarts heeft ook zo'n instrument om jou te onderzoeken. Als de leeuw geopereerd moet worden, gebeurt dat ook in de dierentuin. Er is een speciale operatiekamer, waar de verzorgers hem naartoe kunnen brengen. Lukt dat niet, dan moet de operatie in het hok gebeuren.

Dierenambulance

Voor dieren die een ongeluk hebben gehad, is er de dierenambulance. Deze ziekenauto is speciaal ingericht voor het vervoer van zieke en gewonde dieren. De mensen die met de ambulance rijden, doen dat werk vrijwillig. Zeven dagen per week, dag en nacht, kun je de dierenambulance telefonisch bereiken. Bij de dierenkliniek zijn de mensen van deze ziekenauto goede bekenden.
Niet al het werk van dierenartsen is leuk. Soms kan een dier niet meer beter worden. Oude en heel zieke dieren laat de dierenarts inslapen. Hij geeft ze dan een injectie met een overdosis narcose. Daardoor gaan ze rustig en zonder pijn dood.

Lijkt dierenarts je een interessant beroep? Dan moet je na de basisschool eerst naar het vwo, het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs. Daarna kun je naar Utrecht om diergeneeskunde te studeren. Deze studie om dieren te leren genezen, duurt zes jaar.

Details en informatie

  • Titel: De dierenarts
  • Auteur(s): Jeanne Tervoort
  • Nummer: IC120
  • Niveau: 3
  • Siso: J 633.4