Noordhoff Uitgevers

De kangoeroe

Een beest dat rechtop staat en even hoog is als een mens. Dat op grote voeten rond hupt. Mensen wisten niet wat ze zagen toen ze voor het eerst zo’n dier tegenkwamen. Het waren zeevaarders die Australië ontdekten in de 18e eeuw. (1700-1800). Een van hen, de Engelse kapitein James Cook, gaf het dier de naam ‘kangoeroe’. Hij nam die naam over van de Aboriginals.
De kangoeroe is een buideldier. Als kangoeroes geboren worden, zijn ze piepklein. Ze blijven een hele tijd in de buidel. Daar drinken ze melk en groeien er flink.
Kangoeroes leven in het wild in de landen Australië en Nieuw-Guinea. In Nederland zie je ze alleen in dierentuinen.
De inwoners van Australië zijn trots op dit bijzondere dier. Daarom zie je veel afbeeldingen van de kangoeroe op bijvoorbeeld vliegtuigen, munten en op de sportvlag.


De kangoeroe is een buideldier. Het jong wordt piepklein geboren en groeit verder in de buidel van zijn moeder.

Soorten kangoeroes

Er bestaan meer dan 60 soorten kangoeroes! De grootste kangoeroes zijn de grijze en de rode reuzenkangoeroe. Die zijn even groot als een volwassen man. De kleinste zijn wallaby’s, ze worden 60 centimeter. Dat is ongeveer net zo hoog als een herdershond. Er zijn ook boomkangoeroes, kangoeroeratten en wallaroes. De wallaroes zijn echte bergkangoeroes. Ze leven op de rotsen. In grotten schuilen ze voor de hete zon. Reuzenkangoeroes kunnen 15 jaar oud worden. Kleinere kangoeroes worden minder oud.

Springen

Het lichaam van een kangoeroe is gemaakt om te springen. Hij heeft krachtige achterpoten met lange voeten. In de achterpoten zitten pezen. Die werken als een soort elastiek dat uitrekt en weer snel terug gaat. Daarom kunnen kangoeroes erg lange en hoge sprongen maken. Ze zijn ook heel snel. Springend halen kangoeroes makkelijk een snelheid van 20 kilometer per uur. Jonge vrouwtjes zijn het snelst. Ze kunnen harder springen dan een auto in een stad mag rijden.
De kangoeroe is een planteneter. Behalve takjes, bladeren en vruchten eten kangoeroes ook droge struiken met stekels. Maar het liefst eten ze sappig, groen gras. Op droge vlaktes moeten kangoeroes lang zoeken naar voedsel. Het is ook niet altijd makkelijk om drinkwater te vinden. Soms moeten ze daarvoor kilometers reizen Als het moet, kan een kangoeroe zeker één week zonder water.

Leven in een groep

Kangoeroes leven meestal in groepjes van 8 tot 10 dieren. In zo’n groep staan vaak een paar dieren op de uitkijk terwijl de anderen rusten. Als er gevaar dreigt, wordt de groep gewaarschuwd. De dieren kunnen dan op tijd vluchten. Een jonge kangoeroe hoeft niet zelf op de vlucht te slaan. Die zit veilig in de buik van zijn moeder.
Een kangoeroemoeder heeft een draagtijd van maar één maand. Daarna wordt het jong geboren. Het is roze, kaal en net zo klein als een boon. Hij weet de weg te vinden naar de warme buidel. Daar kan hij melk drinken, een kangoeroe is een zoogdier.Hij groeit flink. Als hij 6 maanden oud is, duwt zijn moeder hem voorzichtig uit de buidel. Hij moet nu zelf leren eten en springen. Als hij wil drinken steekt hij zijn kop in de buidel. En jonge kangoeroe blijft graag in de buurt van zijn moeder, daar is hij veilig. Kangoeroes hebben veel vijanden. Vooral jonge kangoeroes zijn vaak een prooi van slangen en roofvogels.


Een jong van 5 maanden hangt uit de buidel van een wallaby en eet wat gras. 

 

De grootste vijand is de mens. Er is altijd op kangoeroes gejaagd om hun vacht en om hun vlees. Ook door het verkeer gaan veel kangoeroes dood. Een botsing met een auto overleeft een kangoeroe meestal niet. Na een ongeluk kijken mensen of er een jong in de buidel zit. Ze proberen het kleintje dan te redden. Want zonder moeder kan het zelf niet overleven. Het wordt opgevangen in een weeshuis. Daar krijgen de jonge kangoeroes zonder moeder flesjes melk te drinken.

Dit is een samenvatting van Junior-Informatieboekje 313 De kangoeroe.

Details en informatie

  • Titel: De kangoeroe
  • Auteur(s): Lonneke Crusio
  • Nummer: 313
  • Niveau: 1
  • Siso: J 598.99