Noordhoff Uitgevers

De kermis

De kermis bestaat al heel lang. Ongeveer duizend jaar geleden hielden de mensen kerkmissen. Dat waren feestelijke gebeurtenissen. Van heinde en ver kwamen de mensen om erbij te kunnen zijn. Bij een feest hoort lekker eten en drinken. Dus waren er kraampjes waar de mensen na de mis allerlei lekkere dingen konden kopen. De bezoekers van de kerkmis moesten het natuurlijk naar hun zin hebben. Voor het amusement zorgden goochelaars, artiesten en dierentemmers. De activiteiten rondom de kerkmissen gingen steeds meer op jaarmarkten lijken. Die jaarmarkten hadden het karakter van de kermissen van nu. Alleen zijn de attracties tegenwoordig veel sneller dan vroeger!

Op de kermis kan je ook lekker eten. Wat dacht je van een heerlijke zoete suikerspin?

Van vader op zoon, van moeder op dochter

Veel kermisexploitanten zijn op de kermis geboren. Hun vaders en moeders, opa's en oma's en daar weer de vaders en moeders van werkten er ook al. Het kermisseizoen duurt van april tot en met oktober. In die maanden trekken de kermisfamilies rond. Ze reizen van stad naar stad en nemen hun attracties mee op reis. Soms zie je ze wel eens op de snelweg met hun enorme vrachtwagens. Die zijn mooi beschilderd. De naam van de attractie staat er groot op. Kermismensen wonen tijdens het kermisseizoen in woonwagens. In de winter wonen ze in huizen. Ze hebben dan tijd om hun attracties op te knappen en te repareren.

Omdat kermissen steeds in een andere plaats zijn, wonen kermismensen in een woonwagen.

Er reizen ook kinderen met de kermis mee. De helpen 's avonds en in het weekend mee op de kermis. Maar van maandag tot en met vrijdag zitten ze overdag gewoon op school. Nou ja, gewoon... Ze hebben les in een rijdende school. Dat is een bus die als leslokaal is ingericht. De meester of juf reist met de kermis mee. Er zijn in Nederland elf van deze rijdende scholen, met ongeveer vierhonderd leerlingen. Soms is er geen rijdende school. Dan moeten de kermiskinderen naar een internaat. Die kinderen zien hun ouders alleen in de schoolvakanties en in de winter.

Het kermisleven is leuk, maar ook zwaar. Vooral het opbouwen en afbreken van de attracties kost veel tijd en kracht. Om een grote attractie op te bouwen, wordt vaak dag en nacht doorgewerkt. Dat moet heel precies gebeuren. Ieder schroefje, moertje en wieltje moet op de goede plek zitten. Daarom duurt het zo lang. Op de laatste avond van de kermis beginnen de kermisexploitanten al met afbreken. Daarna rijden ze naar de volgende stad. Als ze daar de hele nacht doorwerken, kunnen ze de volgende dag weer van start.

Een reuzerad is leuk om in te zitten, maar het opbouwen en afbreken is een zware klus.

Details en informatie

  • Titel: De kermis
  • Auteur(s): Moniek van Zijl
  • Nummer: jc044
  • Niveau: 1
  • Siso: J 912.1

Video bekijken