Noordhoff Uitgevers

Delfstoffen

De grond onder je voeten is opgebouwd uit allerlei lagen die uit zand, klei, kalk of harde rotsen bestaan. Al eeuwenlang halen mensen delfstoffen uit de bodem. Delven is een ander woord voor graven. Delfstoffen zijn bijvoorbeeld goud, zilver, ijzer, zand en aardolie. We gebruiken delfstoffen om iets van te maken; van klei maken we bijvoorbeeld vazen. En van delfstoffen maken we ook brandstof, zoals benzine voor auto’s.
Sommige delfstoffen, zoals ijzer en aluminium, komen veel voor en zijn gemakkelijk te delven. Andere delfstoffen zijn lastig te winnen omdat ze op moeilijk bereikbare plaatsen zitten of omdat er oorlog is in het land waar ze in de grond zitten. Daarom wordt zo’n delfstof duur. Bijvoorbeeld lithium, dat veel wordt gebruikt in laptops en smartphones.
Delfstoffen kunnen ook voor problemen zorgen. Het milieu kan bijvoorbeeld ernstig vervuild raken door de manier waarop een delfstof gewonnen wordt.


In warme landen als Portugal wordt zout uit zeewater gewonnen. Het zeewater stroomt in ondiepe bakken. Door de warmte van de zon verdampt het water en blijft het zout achter.

Het ontstaan van delfstoffen

Op elke plek op aarde zitten delfstoffen in de grond. In het ene land veel aardolie, in het andere veel zilver. Landen die veel verschillende delfstoffen hebben, zijn vaak rijk omdat ze hun delfstoffen verkopen aan andere landen. In Nederland zit er aardolie, aardgas, zout, zand, grind en klei in de bodem. Al heel lang winnen mensen delfstoffen. Zo’n 6 duizend jaar geleden haalden mensen vuursteen uit de grond. Ze gebruikten de vuurstenen om er messen, bijlen of pijlpunten van te maken.
De delfstoffen die we in Nederland naar boven halen, zijn miljoenen jaren oud.  Afzettingsgesteente zoals kalk en steenkool is in deze tijd ontstaan. Bijvoorbeeld de kalksteenlaag in Limburg ontstond toen Nederland nog onder een ondiepe zee lag. Schelpen en skeletten van kleine diertjes zakten naar de bodem. Kalksteen is zacht. Door druk kan het veranderen in marmer, zoals bij de Italiaanse stad Carrara. Dit metamorf gesteente wordt gebruikt voor tegels of standbeelden.

Stollingsgesteente is op een andere manier ontstaan. Heel diep in de aarde zit magma. Als dit superhete en vloeibare gesteente naar boven geperst wordt en via een vulkaan naar buiten komt, koelt het af. Het wordt hard en verandert in steen, zoals basalt.



De marmergroeve bij Carrara in Italië is beroemd. De kunstenaar Michelangelo haalde er 500 jaar geleden het witte marmer voor zijn standbeelden vandaan.

Delven

Soms vind je waardevolle delfstoffen bij toeval. Zoals de baron die een waterput wilde aanleggen op zijn landgoed. Het water bleek erg zout te smaken. Zo ontdekte hij een dikke laag steenzout in de grond.
Een geoloog kan het landschap bestuderen om er achter komen wat er in de bodem zit. In vulkanische gebieden zitten vaak metalen zoals kwik, tin, lood, zilver en goud. Goud is een edelsteen.
Delfstoffen die aan de oppervlakte liggen, zoals de marmergroeve bij Carrara, kunnen gemakkelijk worden afgegraven. Maar als ze diep in de grond zitten, moeten er gangen gegraven worden, soms wel kilometers diep.
Van delfstoffen worden allerlei producten gemaakt. Aluminium wordt gebruikt voor blikjes. Zand is grondstof voor glas. Aardolie is een mengsel van verschillende stoffen. Door kraken worden deze stoffen eruit gehaald. Van sommige stoffen wordt plastic gemaakt. Kleine korreltjes plastic worden gesmolten en in de vorm van bekers of speelgoed gegoten. Stoffen uit aardolie worden ook gebruikt in verf, wasmiddel en kleding.

Details en informatie

  • Titel: Delfstoffen
  • Auteur(s): Hanneke Siemensma
  • Nummer: 38
  • Niveau: 4
  • Siso: J 381