Noordhoff Uitgevers

Faalangst

Iedereen is wel eens ergens bang voor. En mensen kunnen bang zijn voor verschillende dingen. Hoogtevrees, bang voor water, volle ruimtes, kleine ruimtes, voor spinnen. Angst kan een doel hebben. In een gevaarlijke situatie zorgt het ervoor dat je lichaam snel hormonen aanmaakt. Die prikkelen je organen. Ze zorgen dat je hart sneller gaat kloppen, je ademhaling sneller gaat, je bloeddruk toeneemt en je gaat zweten. De hormonen prikkelen je spieren om in actie te komen. Ze zorgen ervoor dat je wegrent, springt, wegduikt of wat er maar nodig is in die gevaarlijke situatie. Angst kan er dus voor zorgen dat je overleeft. 


Als je bang bent, wil je vluchten. In deze situatie is dat maar goed ook.

Angst om te falen

Een apart soort angst is faalangst. Dat is dat je van tevoren al bang bent dat er iets zal mislukken. Faalangst slaat toe op het moment dat je een prestatie moet leveren. Dat kan een proefwerk zijn, of een sportwedstrijd. Het is zeker niet zo dat faalangstige kinderen dom zijn of hun best niet doen. Ze leren meestal extra goed. Maar als het dan tijd is voor het proefwerk weten ze opeens niets meer. Ze denken dan alleen nog maar: ik kan het toch niet, dan wordt ik weer uitgelachen. Of: ik krijg vast een onvoldoende, dan worden mijn ouders boos op me.
Het belangrijkste kenmerk van faalangst is dat je niet meer goed kunt nadenken. Faalangst komt vaak voor. Een op de vijf kinderen heeft er soms last van. Meestal weten kinderen het niet van elkaar. Dat komt omdat ze er niet over praten. Want niemand vertelt graag over zijn zwakke kanten. We hebben het liever over wat we wel goed kunnen. Daarom is faalangst een beetje taboe. Het is een onderwerp dat mensen liever uit de weg gaan.

Goede tips

Faalangst is vervelend. Je kunt erg pessimistisch worden door alles van de ongunstige kant te bekijken. Maar gelukkig kun je er vanaf komen.
- Tip 1: Ontspannen is goed tegen de stress. Je kunt oefeningen doen, sporten, met de hond wandelen, tv-kijken of muziek luisteren. Ademhalingsoefeningen helpen ook. Je wordt er rustig van. Als je gaat piekeren, denk dan aan dingen die goed gingen.
- Tip 2: Vergroot je zelfvertrouwen. Als je bij een proefwerk vraag 1 en 2 niet snapt, zoek dan een vraag op waar je het antwoord wel van weet. Als dat gelukt is, krijg je het idee dat je het wel kunt! En als je sport, leg de lat dan iets minder hoog. Vraag iets minder van jezelf. Op die manier houd je toch plezier in je sport.
- Tip 3: Maak een lijstje als je boodschappen moet doen. Dan weet je zeker dat je niets vergeet. Dat kun je ook doen als je een spreekbeurt gaat houden. Een paar woorden zijn soms al genoeg. Als je vergeten bent wat je ook al weer wilde zeggen, dan kunnen die woorden je weer op het goede spoor zetten.
Spelen of sporten ontspant.

Dit is een samenvatting van Informatieboekje 06 Faalangst.

Details en informatie

  • Titel: Faalangst
  • Auteur(s): Jan-Willem Driessen
  • Nummer: 6
  • Niveau: 4
  • Siso: 415.9