Noordhoff Uitgevers

Het Romeinse Rijk

Tweeduizend jaar geleden veroverden de Romeinen grote delen van Europa en Noord-Afrika. Ook een deel van Nederland hoorde meer dan vierhonderd jaar bij het Romeinse Rijk. 
Het Romeinse Rijk is eeuwenlang een republiek geweest. In die periode werden de bestuurders van het rijk gekozen door Romeinse mannen. Vrouwen en slaven hadden geen stemrecht. In 27 voor Christus kwam keizer Augustus aan de macht. De tijd van de republiek was voorbij. Voortaan besliste de keizer alles zelf.
De keizer Julius Caesar voerde een beroepsleger in. Het was moeilijk om een groot leger snel te verplaatsen over de modderige wegen die er toen waren. Daarom legden de Romeinen een groot wegennet aan van verharde wegen. Ons gezegde ‘alle wegen leiden naar Rome’ was toen echt waar.


Door de eeuwen heen veroverden de Romeinse soldaten steeds meer gebieden. Eerst werd Italië veroverd, later heel het gebied rond de Middellandse zee. Uiteindelijk veroverden ze ook onder andere Egypte, Engeland en een deel van Nederland.

Nederland

Toen de Romeinen Nederland veroverden, woonden er Germanen. De Romeinen brachten dingen mee die de Germanen niet kenden, zoals geld, glas en kippen. Ze bouwden huizen, tempels en steden. De Germanen gingen handel drijven en geleidelijk namen ze gewoonten van de Romeinen over. Niet alle Germanen waren blij met de veroveraars. Soms werden Germaanse mannen, en ook vrouwen en kinderen vermoord of als slaaf verkocht. Ook moesten de mensen belasting betalen. De Germanen kwamen in verzet en versloegen het Romeinse leger. De Noordelijke limes van het Romeinse Rijk kwam toen langs de Rijn te liggen. 

Het Romeinse rijk werd door de eeuwen heen steeds groter. Rome, de hoofdstad van het Romeinse Rijk groeide uit tot een stad met meer dan 1 miljoen inwoners. Dat is meer dan er nu in Amsterdam wonen. Een op de drie inwoners van Rome was slaaf. Slaven waren buit gemaakt tijdens veroveringen en moesten meestal het zware werk doen. 
Veel van waar de Romeinen nu nog beroemd om zijn, zoals schitterende bouwwerken en een geweldig leger, hebben ze niet helemaal zelf bedacht. Ze namen veel over van de oude Grieken. Ze gebruikten de kennis van de oude Grieken om dingen beter te maken.
In Rome staan nog oude Romeinse gebouwen overeind, zoals het Colosseum. Zo kun je goed zien hoe de Romeinen bouwden. Ze gebruikten pilaren en rondbogen
Om vers water vanaf de bergen naar de stad te krijgen, bouwden ze waterkanalen. Als het water over een dal heen moest, bouwden ze een aquaduct.


In de Spaanse stad Segovia staat een Romeins Aquaduct van bijna tweeduizend jaar oud. Het waterkanaal is op twee rijen rondbogen met pilaren gebouwd. Het kanaal leidde het water vanaf de omringende heuvels naar de stad.

Het einde van het Romeinse Rijk

Na het jaar 235 ontstond er in Rome ruzie over wie de nieuwe keizer mocht zijn. Generaals streden om de macht. Zij riepen soldaten, die de grenzen van het Romeinse rijk bewaakten, terug naar Rome om mee te vechten in de verschillende burgeroorlogen. Daardoor werden de grenzen van het Romeinse Rijk minder goed bewaakt en konden Germaanse krijgers het rijk binnenvallen. Om de vijand tegen te houden werd het Romeinse Rijk in tweeën gedeeld: het West-Romeinse en het Oost-Romeinse Rijk. Toch veroverden Germaanse stammen steeds meer gebied op de Romeinen. In 476 kwam er een eind aan het West-Romeinse rijk toen de keizer werd afgezet door de Germanen. Het Oost-Romeinse Rijk bleef nog duizend jaar bestaan.

Details en informatie

  • Titel: Het Romeinse Rijk
  • Auteur(s): Susanne Neutkens
  • Nummer: 41
  • Niveau: 3
  • Siso: J 923.4