Noordhoff Uitgevers

Honkbal

Houd je van een teamsport, waarbij je ook in je eentje heel belangrijk kunt zijn? Misschien is honkbal dan iets voor jou. Want honkbal speel je met een team van negen man, maar als je aan slag bent, sta je er alleen voor.
Een honkballer is sterk, snel en heeft een goede timing
Waar honkbal ontstaan is, weet niemand. Wel weten we dat er al meer dan 200 jaar geleden op verschillende plekken, ook in Nederland, spellen gespeeld werden die op honkbal lijken. Immigranten namen die spellen mee naar Amerika, waar voor het eerst officiële afspraken gemaakt werden over regels. Na het jaar 1900 werd honkbal voor het eerst in Nederland gespeeld. Nederland werd een succesvol honkballand, het werd 22 keer Europees kampioen. En in 2011 werd het Nederlands team wereldkampioen!


De vorm van een honkbalveld met de posities van de negen verdedigers. Bij elk honk staat een verdediger.


Het spel

Honkbal speel je met twee ploegen, waarvan er één aanvalt en één verdedigt. De slagman van de aanvallende ploeg probeert met een knuppel de bal weg te slaan. De bal wordt naar hem toegegooid door de pitcher, hij is van de verdedigende ploeg. Als het de slagman lukt om de bal weg te slaan, moet hij zo snel mogelijk naar het eerste honk rennen De verdedigende ploeg probeert dat te voorkomen door de weggeslagen bal te vangen en naar de verdediger te gooien die bij het honk staat.
Als de slagman het vierde honk, de thuisplaat, bereikt, dan scoort hij een punt. Dat hoeft niet in één keer. Hij mag onderweg op een honk blijven staan. Hij wacht tot de volgende slagman de bal slaat en rent dan verder.
Nadat er drie slagmannen uit zijn, bijvoorbeeld doordat ze hebben misgeslagen of als de geslagen bal wordt gevangen, komt de andere ploeg aan slag.
Een wedstrijd duurt negen innings. Wie aan het einde de meeste punten heeft, wint de wedstrijd.
Van de verdedigende partij is de pitcher de belangrijkste man. Hij moet de bal zo gooien, dat de slagman hem niet, of niet goed, kan raken. Hij moet de bal wel in de slagzone gooien. Als hij vier keer wijd gooit, mag de slagman naar het eerste honk lopen, zonder dat hij wordt uitgemaakt.
Om honkbal te spelen heb je een knuppel, een bal en een handschoen nodig. Hoe groot de knuppel mag zijn, hangt af van hoe groot en zwaar je zelf bent. De bal is behoorlijk hard. Voor trainingen of jeugdwedstrijden gebruik je soms grotere of zachtere ballen. Je kunt al vanaf vijf jaar gaan honkballen. Je speelt dan BeeBall. De regels zijn wat simpeler, het spel is makkelijker en het veld kleiner.


Een verdediger, de catcher, zit achter de slagman. Hij vangt de ballen die de slagman mist. De catcher heeft een extra grote handschoen en draagt een helm, gezichtsmasker met keelbeschermer, lichaamsbescherming en legguards of beenbeschermers.

Softbal

Softbal lijkt erg op honkbal, maar het veld is kleiner, de bal is groter en de wedstrijd duurt zeven innings. Een groot verschil is dat de pitcher de bal niet bovenhands gooit, zoals bij honkbal, maar onderhands. Softbal is bedacht om overdekt te kunnen honkballen. Honkbal was, en is, een mannensport, maar softbal is een sport die ook door vrouwen wordt gespeeld. Tegenwoordig denken veel mensen dat softbal alleen een vrouwensport is, maar softbal voor mannen bestaat ook.

Dit is een samenvatting van het Informatie-boekje 404 Honkbal.

Details en informatie

  • Titel: Honkbal
  • Auteur(s): Pieter Schouten
  • Nummer: 404
  • Niveau: 3
  • Siso: J 619.33