Noordhoff Uitgevers

Kinderarbeid

Op veel plaatsen in de wereld werken kinderen in een mijn of een gevaarlijke fabriek. Daardoor kunnen ze niet naar school. Meestal verdienen ze erg weinig. Kinderarbeid is vooral in arme landen een groot probleem.
In Nederland werken kinderen ook. Maar meestal kiezen zij er zelf voor om wat extra zakgeld te verdienen. Bovendien staat in de wet wat ze wel en niet mogen doen.
Bij kinderarbeid hebben kinderen niets te kiezen. Het werk is vaak gevaarlijk, zwaar en ongezond. De arbeidsomstandigheden zijn slecht. Deze kinderen kunnen bijna niet naar school. Schrijven of lezen kunnen ze nauwelijks. Eenmaal volwassen maken ze dus geen kans op beter werk. Ze verdienen weinig en moeten hun kinderen weer uit werken sturen. Zo blijft kinderarbeid bestaan.

Gevaarlijk werk

Vroeger kwam kinderarbeid ook in Nederland voor. Dat is nu verboden. In arme landen bestaan nog steeds allerlei vormen van kinderarbeid. Sommige kinderen helpen hun ouders in hun bedrijfje. Maar veel kinderen werken voor een echte baas. Bijvoorbeeld in de landbouw of in een fabriek. Deze kinderen worden vaak uitgebuit.
In veel landen vind je straatkinderen. Zij hebben geen ouders meer en slapen buiten. Ze bedelen, poetsen schoenen of verkopen sigaretten. Zo lopen ze grote kans om het slachtoffer te worden van misdadigers. Mensenhandelaren bijvoorbeeld die kinderen verkopen om in de kinderprostitutie te werken.

Straatkinderen raken vaak verslaafd. Deze jongen snuift lijm uit een zakje om even geen honger, kou of angst te voelen.

Werken als slaaf of soldaat

Een bijzondere groep kinderarbeiders zijn de schuldslaven. Hun ouders hebben schulden gemaakt, omdat er iemand in het gezin ziek was. Ze moesten geld lenen om de dokter te betalen of medicijnen te kopen. Het gezin heeft amper geld om van te leven. Dus kunnen de ouders niets anders dan een kind weggeven als schuldslaaf. Het kind moet werken tot de schuld is afbetaald.
Andere kinderen worden gedwongen om in een oorlog te vechten. Vaak halen soldaten hen bij hun ouders weg. Deze kindsoldaten leren mensen te mishandelen of zelfs te doden. Maar natuurlijk kunnen ze ook zelf het slachtoffer worden van oorlogsgeweld.

Gevecht tegen kinderarbeid

Het is makkelijk voor ons om te zeggen dat kinderarbeid moet verdwijnen. Maar het is niet eenvoudig om dat overal te bereiken. Armoede is nog steeds een groot probleem in veel landen. Als ouders niet genoeg verdienen, moeten ze hun kinderen wel uit werken sturen. Het is dus belangrijk dat ouders zelf genoeg kunnen verdienen.
Daarnaast is het belangrijk dat er in ieder land wetten zijn die kinderarbeid verbieden. Bovendien moeten landen controleren of de wetten worden nageleefd.
Alle kinderarbeid in één keer afschaffen lukt niet. Een tussenoplossing kan zijn dat kinderen een aantal uren per week werken en daarnaast verplicht naar school gaan.

Deze jongen uit Peru heeft een kans gekregen om een bakkersopleiding te volgen.

Wat kunnen wij doen?

Er zijn in Nederland en in de wereld verschillende organisaties die vechten tegen kinderarbeid, bijvoorbeeld Unicef. Deze organisaties geven voorlichting of cursussen en ze bouwen scholen. Ook ondersteunen ze moeders die alleen voor hun kinderen moeten zorgen. Deze vrouwen kunnen een klein bedrag lenen om een eigen bedrijfje te starten.
En zelf kun je ook iets doen. Bijvoorbeeld producten kopen met een keurmerk. Je kunt ook een werkstuk maken of een spreekbeurt houden over kinderarbeid. Want het is belangrijk dat zo veel mogelijk mensen weten dat kinderarbeid nog steeds bestaat.

Details en informatie

  • Titel: Kinderarbeid
  • Auteur(s): Birgit Vos; Petra Cremers
  • Nummer: IC333
  • Niveau: 3
  • Siso: J 318.5