Noordhoff Uitgevers

Mmm…, IJs!

IJs. Heerlijk als het warm is buiten, of gewoon als toetje. Bijna iedereen is er gek op. En er is zoveel keuze. Waterijs, roomijs, schepijs, schaafijs, ijstaart. Allemaal soorten ijs met verschillende smaken. Tweeduizend jaar geleden waren mensen al dol op ijs. Toen was het alleen iets voor koningen en keizers. Het was zo'n werk om ijs te maken, dat het te duur was voor gewone mensen. Tegenwoordig hebben we ijsfabrieken. Die maken zo veel ijsjes tegelijk dat ze veel goedkoper zijn geworden. Zelfs als je weinig zakgeld hebt, kun je vaak toch nog wel een waterijsje eten. Het is leuk om eens een kijkje in een ijsfabriek te nemen. Misschien kun je een keer met school gaan.

Heerlijk ijs op de lopende band.

Kloppen en roeren

IJs werd heel vroeger gemaakt van sneeuw. Slaven haalden sneeuw uit de bergen en daar werd voor de koning of de keizer vruchtensap bijgedaan voor de smaak. Eigenlijk was dat een soort waterijs, want sneeuw is bevroren regenwater. Het waterijs zoals wij dat kennen, werd eeuwen later voor het eerst gemaakt. Het recept ervan kwam uit China. Er zaten nog wel veel stukjes en brokjes in. Pas veel later ontdekten de ijsmakers dat je moest blijven roeren en kloppen tijdens het invriezen van het ijsmengsel. Dat ijsmengsel is een soort vla die zo koud wordt gemaakt dat deze hard wordt.

Schepijs gaat in een hoorntje.

Vooral in Italië werd ijs maken een kunst. Sommige Italiaanse families maken al driehonderd jaar ijs. Iedere vader vertelt zijn zoon hoe het moet. Sommige Italiaanse families gingen hun ijs in het buitenland verkopen. Zo is ook buiten Italië het Italiaans ijs beroemd geworden. Een ijsmengsel voor een gewoon ijsje of een ijstaart bestaat uit room of opgeklopt eiwit. Daarbij komt nog wat vruchtenpuree. Dat is een mengsel van samengeprakte vruchten. Tijdens het invriezen moet je blijven roeren. Ook moet je flink kloppen om het ijs luchtig te houden. Een pak roomijs bestaat voor de helft uit lucht. Zonder lucht zou het ijs keihard zijn. Kloppen en roeren ging vroeger met de hand. Het duurde heel lang voor het ijs klaar was. Dat kwam ook omdat het invriezen nog niet zo goed ging als nu.

Zo vul je een grote emmer met ijs uit de machine.

Nu zijn er allemaal machines die wel honderdduizend ijsjes tegelijk kunnen maken. Er zijn aparte machines die ervoor zorgen dat het stokje in het ijsje komt en machines die de ijsjes verpakken. Weer andere apparaten pakken een heleboel ijsjes tegelijk beet. Ze dompelen de ijsjes met z'n allen tegelijk even onder in een bak met gesmolten chocola. Zo heb je in één keer een heleboel chocolade-ijsjes.Vlak voor het invriezen wordt in de fabriek het ijsmengsel nog een keer verwarmd. Dat lijkt wat raar, eerst verwarmen en dan weer afkoelen. Maar zo blijft het ijs langer goed. De bacteriën die in het mengsel zitten, gaan door het verhitten dood. Bacteriën zijn piepkleine beestjes die in eten kunnen zitten. Je kunt er erg ziek van worden. Daarom is het goed dat ze eerst worden doodgemaakt.

Details en informatie

  • Titel: Mmm…, IJs!
  • Auteur(s): Anneke Smook
  • Nummer: JC002
  • Niveau: 1
  • Siso: J 678.7