Noordhoff Uitgevers

Nieuwe dieren in Nederland

Af en toe komen dieren in het nieuws. Dan is er bijvoorbeeld een sneeuwuil ontdekt of een levende bruinvis aangespoeld. Meestal verdwijnt zo'n dier vanzelf en horen we er niets meer over. Er komen ook nieuwe dieren in de Nederlandse natuur terecht die wel blijven. Ze komen uit verre streken en het lukt ze om hier te overleven. Vaak lukt het deze exoten ook nog om hier jongen te krijgen.
Sommige exoten leveren geen problemen op. Zoals halsbandparkieten die nu in parken in onze grote steden wonen. Hooguit maken ze veel lawaai. Er zijn andere dieren die zich hier goed thuis voelen, maar die wel schadelijk zijn. Zoals de muskusrat. Dit dier komt van oorsprong uit Amerika en toen de muskusratten in Europa terecht kwamen, verspreidden ze zich heel snel. In Nederland zijn ze een groot gevaar, omdat ze gangen graven in dijken. De dijken kunnen dan doorbreken. Herstel van de schade kost miljoenen euro's.

Muskusratten en beverratten graven holen in dijken: dat levert gevaar voor overstromingen op. Daarom zijn rattenvangers dagelijks op pad om deze dieren te vangen.

Hoe komen ze hier?

In de lente en herfst trekken vogels over ons land van of naar hun areaal. Het gebeurt wel eens dat een vogel verdwaalt op zijn lange trektocht. Zo'n dwaalgast is een bijzonderheid en vooral erg leuk voor vogelliefhebbers. Maar zulke vogels zullen zich niet vestigen in ons land. Ze trekken na de winter weer weg naar hun eigen gebied.
Je zou het niet zeggen, maar konijnen zijn echte exoten. Heel lang geleden leefden ze hier, maar tijdens de laatste ijstijd zijn ze uitgestorven. Alleen in het zuiden van Spanje bleven ze in leven, omdat het daar iets minder koud was. In de Middeleeuwen zijn ze door mensen naar Nederland gehaald.
Vanaf 1500 neemt het aantal exoten flink toe. Zeelieden reizen de wereld over en nemen dieren meer naar huis. Veel dieren gaan ook ongemerkt mee in het ruim van een schip. Zoals kakkerlakken, deze taaie insecten kunnen bijna alles overleven. Zij komen nu overal op de wereld voor.
Niet ieder dier dat een verre reis overleeft, wordt een exoot. Maar als ze met grote hoeveelheden tegelijk binnen komen, is de kans groter. Schepen pompen uit zee of rivieren ballastwater waarin diertjes leven. Als het water er in Nederland weer wordt uitgepompt, heb je kans dat ze hier overleven. Een voorbeeld daarvan is de Aziatische korfmossel. Eerst vestigden ze zich in de havens en via de rivieren verspreidden ze zich stroomopwaarts.

Nuttig of lastig?

Sommige dieren werden hier naar toe gehaald omdat ze nuttig waren. Lieveheersbeestjes eten de schadelijke bladluizen. Als je veel lieveheersbeestjes loslaat in een boomgaard of kas, eten die bijna alle luizen op. Deze biologische bestrijding is beter voor het milieu omdat de boeren geen gif hoeven te spuiten.
Veel soorten vissen zijn uitgezet om ons voedsel te leveren. De snoekbaars, bijvoorbeeld, kwam oorspronkelijk in de Zwarte Zee voor. Ruim 100 jaar geleden werd hij hier uitgezet en nu verdienen vissers er veel geld mee.
Japanse oesters zijn uitgezet aan de Nederlandse kust om het zand vast te houden. Deze exoten helpen mee aan de groei van de zandbanken in zee.

Niet alle mensen zijn gelukkig met deze nieuwe dieren. Zij vinden dat exoten niet in onze fauna thuishoren. Ze zijn bang dat ze de inheemse soorten verdringen. Je weet nooit precies hoe ze zich in de nieuwe omgeving gaan gedragen. Denk maar aan de muskusrat.

In Nederland leven zeven exotische rivierkreeften. De rode rivierkreeft is de bekendste. Hij komt uit Amerika en komt vooral voor in Noord- en Zuid-Holland.

Details en informatie

  • Titel: Nieuwe dieren in Nederland
  • Auteur(s): Willem van den Akker
  • Nummer: IC363
  • Niveau: 3
  • Siso: J 596.1