Noordhoff Uitgevers

Pesten (Junior)

Op 19 april is het de dag tegen het pesten. Maar niet alleen op die dag zou pesten verboden moeten zijn. Want pesten is nooit fijn. Iedereen is anders. En dat is heel normaal. Je bent wie je bent. Iedereen heeft evenveel rechten. Iedereen is even belangrijk. En iedereen heeft recht op een veilige omgeving en een veilige school. Iedereen moet goed behandeld worden: met respect. Als je pest, doe je dat niet. Pesten is gemeen, dat weet iedereen. Toch gebeurt het nog steeds. Op school, op straat, bij de sportclub of thuis via de computer. Eén op de vier kinderen is wel eens het slachtoffer van pesten. Veel gepeste kinderen gaan niet graag naar school.














Pesters genieten van de macht. Vaak zijn ze vroeger zelf ook gepest.

Plagen

Wanneer is iets nou plagen, en wanneer pesten? Kinderen die plagen, willen elkaar geen pijn doen. Ze bedenken iets om iemand voor de gek te houden. Het is als grapje bedoeld. Niemand is het slachtoffer, om een plagerijtje kun je samen lachen. Maar soms is plagen niet meer leuk. Bijvoorbeeld als het te vaak gebeurt. Of als een grapje echt niet leuk is. Dan gaan plagen op pesten lijken. Kinderen die pesten, doen een ander expres pijn. Ze maken spullen kapot. Jongens pesten vaak door te vechten. Meisjes pesten door dingen over iemand te vertellen die niet waar zijn. Of door net te doen of iemand anders er niet is.













Pesten via de computer is heel gemeen. Pesters gebruiken dan vaak een schuilnaam.

Veel kinderen 'praten' met elkaar via internet. Chatten (zeg: tsjetten) of mailen (zeg: meelen) dus. Via chat of mail kun je ook anoniem berichten sturen. Dan kun je niet zien wie het bericht gestuurd heeft. Als je niet weet wie je nare berichten stuurt, is dat vaak heel eng. De slachtoffers worden achterdochtig. Ze weten niet wie ze nog kunnen vertrouwen. Pesten via de computer noem je digitaal pesten of cyberpesten. Alle scholen hebben een vertrouwenspersoon. Die juf of meester helpt je met problemen waar je zelf niet uitkomt, bijvoorbeeld pesten. Als je het eng vindt om erover te praten, kun je ook een brief schrijven.

Elke school wil graag dat er daar niet gepest wordt. Daarom hebben ze een pestprotocol. Dat zijn regels en afspraken over pesten. Er staan ook afspraken over cyberpesten in. Mail niet terug, maar blokkeer de afzender. De pester kan dan je dan geen berichten meer sturen. Hulp zoeken is belangrijk als je gepest wordt. Ga naar je ouders of leerkracht. Het is heel belangrijk dat er in de klas over pesten wordt gepraat. Bijvoorbeeld door iedere week samen een regel uit het pestprotocol te bespreken. Zodat iedereen voor altijd weet: pesten is stom en gemeen.

Details en informatie

  • Titel: Pesten (Junior)
  • Auteur(s): Truus Visser-van den Brink
  • Nummer: JC273
  • Niveau: 2
  • Siso: J 419.3