Noordhoff Uitgevers

Scheiden

Elk jaar krijgen ongeveer 70 duizend kinderen te horen dat hun ouders gaan scheiden. Als ouders scheiden, verandert er veel. De kinderen gaan bij de vader of de moeder wonen. Ze spreken de andere ouder niet meer elke dag. Soms gaat een broer of zus bij de andere ouder wonen. Het gezin is niet meer compleet. Als twee mensen trouwen, zijn ze een echtpaar. Ze beloven bij het trouwen dat ze altijd bij elkaar blijven. Maar soms willen of kunnen ze niet meer samen zijn, en dan kunnen ze besluiten om te scheiden. Bij getrouwde mensen heet dat een echtscheiding. Maar ook mensen die niet getrouwd zijn, kunnen uit elkaar gaan.














Elk jaar gaan er 32 duizend echtparen scheiden.

Verdrietig

Kinderen schrikken vaak erg als hun ouders gaan scheiden. Ze hadden het niet verwacht, misschien ondanks de ruzies. Een kind kan verdrietig zijn. Of boos, bang, opgelucht. Al die gevoelens zijn verwarrend. Daardoor kan een kind zich soms anders gaan gedragen. Sommige kinderen word heel brutaal en maken sneller ruzie. Ander kinderen worden juist heel stil. Of ze gaan extra lief doen. Ze hopen dat hun ouders daardoor toch weer bij elkaar komen. Het is belangrijk dat een kind met iemand over de scheiding kan praten. Want dat lucht op.













Een kind van gescheiden ouders heeft vaak twee huizen. Hij is om beurten bij zijn vader en bij zijn moeder.

Bij een scheiding komt veel kijken. Er moeten allerlei afspraken worden gemaakt. Over het huis, over geld, over de huisdieren en over de kinderen. Afspraken over de kinderen worden vastgelegd in een ouderschapsplan. Daarin staat waar de kinderen gaan wonen. Ook een omgangsregeling staat erin. Daarin staat hoe vaak de kinderen naar de andere ouder gaan. Kinderen die twaalf of ouder zijn, mogen meepraten over wat zij het liefste willen. De rechter houdt daar dan rekening mee. Een rechter werkt bij een rechtbank en spreekt de scheiding uit.

Vaak gaan de kinderen na een scheiding bij de moeder wonen. Ze gaan dan bij voorbeeld een weekend per twee weken naar hun vader. Na de scheiding houden beide ouders het ouderlijk gezag. Ze zijn daarmee allebei verplicht om voor de kinderen te zorgen. Sommige ouders willen de opvoeding en verzorging van hun kinderen gelijk verdelen. Zij kiezen dan voor co-ouderschap. De kinderen wonen dan de helft van de tijd bij de ene ouder en de andere helft bij de andere ouder. Dat kan alleen als de ouders goed met elkaar op kunnen schieten. En als ze bij elkaar in de buurt wonen.

Details en informatie

  • Titel: Scheiden
  • Auteur(s): Minke van Dam
  • Nummer: JC287
  • Niveau: 1
  • Siso: J 322.3