Noordhoff Uitgevers

Snowboarden

Snowboarden is leuk en makkelijk. Inmiddels is deze wintersport net zo bekend als skiën. Snowboarden is niet in de sneeuw ontstaan, maar bedacht door een surfer uit Californië in Amerika. Die wilde met zijn plank wel eens iets anders dan over het water glijden. Dus ging hij met zijn board naar de sneeuw. Dat ging prima! Veel andere surfers vonden het ook leuk. Snowboarden lijkt ook op skateboarden. Dat is op een plank met wieltjes allerlei toeren uithalen. Het is niet toevallig dat veel skaters in de winter gaan snowboarden.

Bij snowboarden sta je met beide voeten op één plank. Skiën doe je op twee smalle latten.

Drie stijlen

Er zijn drie stijlen van snowboarden. Als je een board gaat kopen, is het handig dat je daar iets vanaf weet. Met een freeride board kun je overal terecht. Op gladde pistes, maar ook op hellingen met losse sneeuw.
Een freestyle board is een board waarmee je vooral trucs of tricks doet. Je kunt er dus mee springen en figuren maken. Freestyle boards zijn breed en stevig. Je kunt ze makkelijk besturen, dus ze zijn goed om op te leren snowboarden.
Raceboards of alpine-snowboards zijn lange boards waarmee je heel hard kunt. Je moet al goed kunnen snowboarden voordat je zo'n board kunt gebruiken.

Om te kunnen snowboarden heb je meer nodig dan een plank. Ook 'boots' (zeg: boets) en bindingen horen erbij. Boots zijn snowboard-schoenen en de bindingen zijn de houders voor de schoenen. De bindingen kun je vastschroeven op je board. Het is belangrijk dat de schoenen lekker zitten en goed passen. Van te kleine schoenen krijg je kromme tenen. En van te grote boots krijg je bevroren tenen. Softboots, oftewel zachte schoenen, geven lekker mee. Ze zijn voor freeride en freestyle te gebruiken. Hardboots, oftewel harde schoenen, zijn meer voor de snelheidsduivels.

Snowboarders zitten altijd aan hun plank vast met een riem. Dan kan het snowboard niet voor ongelukken zorgen als je uit je bindingen schiet. Er zijn nog meer regels waaraan snowboarders zich moeten houden. Die hebben allemaal met veiligheid te maken. Regel nummer één is: Houd rekening met anderen. Je mag anderen nooit in gevaar brengen.
Pistes in wintersportgebieden zijn allemaal verschillend. Ze zijn ingedeeld naar moeilijkheid. Groen is erg makkelijk, daarna komt blauw, daarna rood en de moeilijkste pistes zijn zwart. Als iedereen skiet of snowboard op de piste die hij of zij aankan, is dat het veiligst voor iedereen.

Om hier te kunnen snowboarden moet je veel ervaring hebben.

Details en informatie

  • Titel: Snowboarden
  • Auteur(s): Rob op 't Hoog
  • Nummer: JC103
  • Niveau: 1
  • Siso: J 618.12