Noordhoff Uitgevers

Spinnen (Junior)

Veel kinderen (maar ook volwassenen!) zijn bang voor spinnen. Helemaal niet nodig, want de meeste spinnen die in Nederland leven zijn ongevaarlijk. In totaal komen er in Nederland zo’n 700 verschillende soorten spinnen voor. Hoe netjes het in een huis ook is, als je goed gaat zoeken kom je zeker een aantal spinnen tegen. Ze zitten in de schuur, op zolder en in de kelder. Ze houden van donkere en vochtige hoekjes. En van plekken waar niet vaak gestoft wordt. Ze zoeken plekken op waar mensen niet vaak komen. Want veel mensen zijn dan misschien bang voor spinnen. Maar spinnen zijn nog veel banger voor mensen!

De trilspin, de kruisspin en de huisspin komen in Nederland veel voor. Hooiwagens ook, maar een hooiwagen is geen spin.

 

Een speciaal dier

Heel bijzonder is dat de meeste spinnen een spinnenweb maken. Daarvoor hebben ze twee speciale lichaamsdelen: de spinklieren en de spintepels. Het spinsel bestaat uit dunne, sterke spindraden. Van de spindraden weeft de spin een spinnenweb. Zo’n spinnenweb ziet er mooi uit, meestal in de vorm van een wiel. Als het web klaar is, gaat de spin in het midden zitten. Daar wacht hij op muggen, vliegen en kevers. Met de haartjes op zijn poten voelt de spin dat er een insect in het spinnenweb gevlogen is. Het insect kan er niet meer uit, want het spinsel is kleverig. De spin doodt het insect met gif en wikkelt het in met spinsel. Dan spuit hij een soort oplosmiddel in de prooi. Dat zorgt ervoor dat de lichaamsdelen zacht worden. De spin kan het insect daardoor goed leegzuigen. De meeste insecten hebben een harde buitenkant. Die kan de spin niet verteren en blijft dus over. Hij gooit dat overblijfsel weg zodat zijn web netjes en schoon blijft. 
Er zijn ook spinnen die geen web maken. Misschien heb je ergens buiten op de grond wel eens een springspin gezien. Dat is spin die op een prooi jaagt en er boven op springt. 


Een vogelspin is wel gevaarlijk. Ze leven in warme gebieden en zijn zo groot als je hand.

Pas op, giftig!

De huid van een spin is hard en rekt niet mee als de spin groeit. Daarom vervellen spinnen in hun leven een aantal keer. Ze krijgen dan een nieuwe huid. De huid is het uitwendig skelet van de spin. Hij heeft dus geen botten.
Sommige spinnen zijn heel giftig. Als je door een Australische tunnelweb-spin wordt gebeten, kun je binnen een kwartier dood zijn. De vioolspin is ook gevaarlijk. Hij heet zo, omdat hij een vlek op zijn rug heeft in de vorm van een viool. De vioolspin komt voor in de Verenigde Staten. Hij is erg klein, maar 15 millimeter, maar toch is het één van de giftigste spinnen van de wereld!

Dit is een samenvatting van Junior-Informatieboekje 321 Spinnen.

Details en informatie

  • Titel: Spinnen (Junior)
  • Auteur(s): Diana Doornenbal
  • Nummer: 321
  • Niveau: 1
  • Siso: J 597.7