Noordhoff Uitgevers

Windmolens

In Nederland staan nog zo’n duizend ouderwetse windmolens. Heel vroeger stonden er wel 10 duizend windmolens in Nederland. Ze hadden wieken die draaiden in de wind. Zo kon er graan gemalen worden. Tegenwoordig zie je overal in ons land windturbines. Dat is een nieuw soort windmolen die elektriciteit opwekt. Elektriciteit hebben we bijvoorbeeld nodig voor verlichting of om je mobiele telefoon op te kunnen laden. De hoogste windturbine in Nederland is 135 meter hoog. De hoogste in Duitsland is 160 meter. Dat is bijna net zo hoog als de hoogste wolkenkrabbers in Rotterdam. Een windturbine heeft geen wieken, maar rotorbladen. De wind blaast tegen de rotorbladen. Bovenin de turbine zit de gondel. Daarin wordt de elektriciteit gemaakt. Met een hijskraan wordt hij bovenop de mast gehesen. Een heel karwei, want een gondel weegt net zoveel als tien olifanten bij elkaar.


De rotorbladen worden als laatste omhoog getakeld en vastgemaakt aan de gondel.

Schone stroom

Een lamp, een computer, een koelkast, ze werken allemaal op elektriciteit. Er zijn verschillende manieren om dat te maken. Bijvoorbeeld door kolen, gas of benzine te verbranden. Maar dat vervuilt de lucht. En deze grondstoffen zullen een keer opraken. 
Er zijn ook andere manieren om elektriciteit te maken. Met wind of zon of water bijvoorbeeld. Slim, want die energiebronnen raken nooit op en ze zijn schoon. Elektriciteit gemaakt uit wind, zon en water wordt daarom schone of duurzame energie genoemd. Als je naar de daken van huizen kijkt, zie je steeds vaker dat er grote blauwe of zwarte platen op liggen. Dat zijn zonnepanelen. Ze vangen het licht van de zon op en zetten dat om in schone stroom. Hoe harder de zon schijnt, hoe meer stroom een zonnepaneel opwekt. In Nederland heeft de zon alleen in de zomer veel kracht. Verder is het hier vaak bewolkt en het waait bijna altijd. Daarom is Nederland heel geschikt om windenergie op te wekken. 

Toekomst

Veel mensen vinden schone energie belangrijk. Toch willen ze niet graag dichtbij windturbines wonen. Sommige mensen vinden ze lelijk en lawaaierig. Verder vinden veel mensen dat windmolens te duur zijn. Energie uit gas of olie is nu nog veel goedkoper. Ook natuurliefhebbers zijn vaak tegen. Vogels en vleermuizen gaan dood als ze tegen een rotorblad vliegen. Als de regering plannen heeft om een nieuw windmolenpark in zee te bouwen, gaan mensen vaak protesteren. Zo’n park bestaat uit een heleboel windmolens bij elkaar. Maar mensen vinden het uitzicht op de zee dan niet meer mooi. Vissers zijn boos dat ze tussen windmolens niet mogen vissen. Voor planten en dieren die in zee leven, is zo’n windmolenpark dus juist wel fijn. De zeebodem is er rustig en daardoor is er meer voedsel voor de vissen. In landen als Denemarken en Duitsland zijn al veel windmolens gebouwd. De Nederlandse regering moet beslissen of dat hier ook gaat gebeuren. Er zijn veel voorstanders maar ook tegenstanders van windmolens. Het is dus een lastige beslissing.


Een windmolenpark op zee.

Dit is een samenvatting van Junior Informatieboekje 12 Windmolens.

Details en informatie

  • Titel: Windmolens
  • Auteur(s): Ingrid Nijkamp
  • Nummer: 12
  • Niveau: 3
  • Siso: J 718.62