Noordhoff Uitgevers

Winter

Als het in de winter lang genoeg vriest, kun je schaatsen. Als er sneeuw valt, kun je sleeën of sneeuwpoppen maken. Jammer genoeg gebeurt dat niet elke winter. Als het 's winters niet vriest, noemen we zo'n winter een kwakkelwinter. Voor veel planten en dieren is zo'n winter niet erg. Want ze kunnen niet goed tegen kou. Voor dieren is er weinig voedsel te vinden als het vriest. Bij planten en bomen zet het vocht in hun stammen uit als het vriest. Daardoor kunnen er scheuren in komen. Soms gaan ze daardoor dood.

Veel kinderen vinden het leuk als er sneeuw en ijs is. Je kunt dan sneeuwpoppen maken en schaatsen.

Op de vlucht

Veel vogels, zoals ganzen, gaan in de winter naar een warmere plaats. Tijdens die vogeltrek leggen ze duizenden kilometers af. Als het in Nederland weer lente wordt, komen ze terug. Vogels die hier blijven, zetten hun veren op. Hun lichaamswarmte blijft in de ruimte tussen de veertjes hangen. Er zijn ook dieren die een winterslaap houden. Ze eten zich in de herfst rond en gaan slapen tot het buiten weer warmer wordt. Kikkers, egels en vleermuizen doen dat bijvoorbeeld. Andere dieren houden zich heel rustig, zoals eekhoorns. Ze slapen veel en hebben daardoor minder voedsel nodig.

Hoe komt het nou dat het in de winter koud is? Dat heeft te maken met de stand van de aarde ten opzichte van de zon. De aarde draait in een jaar om de zon heen. In de herfst en de winter staat het bovenste deel van de zon af gedraaid. Dat is het noordelijk halfrond, en daarop ligt Nederland. Het is dan koud, doordat we ver van de zon af zijn. In de lente en zomer staat het onderste deel van de aarde van de zon af gedraaid. Dat is het zuidelijk halfrond. In Nederland is het dan warm, doordat we dicht bij de zon staan.

In de winter is Nederland ver van de zon weggedraaid.

Als er sneeuw ligt, kun je mooi zien welke dieren er in het bos zijn. Ze laten sporen achter. Elk dier heeft een eigen, herkenbare pootafdruk. Andere dieren kunnen die sporen zien, maar ook ruiken. Muizen proberen hun achtervolgers te slim af te zijn. Ze maken tunneltjes onder de sneeuw. Ook hazen kennen een slimme truc. Ze onderbreken soms hun spoor door een enorme sprong te nemen. Vooral als het koud is, wordt er op de haas gejaagd. Door vossen, maar ook door bunzings. Hazen moeten daarom wel slim zijn.

Details en informatie

  • Titel: Winter
  • Auteur(s): Marjon Sarneel
  • Nummer: JC125
  • Niveau: 1
  • Siso: J 577.2