Noordhoff Uitgevers

Zambia

Zambia is een land in Zuidelijk Afrika. Het is achttien keer zo groot als Nederland. De hoofdstad is Lusaka. De naam Zambia komt van Zambezi, één van de grootste rivieren van Afrika.
Lange tijd was het land een Engelse kolonie en heette het Rhodesië. In 1964 werd het onafhankelijk en heette voortaan Zambia.
In de Zambiaanse bodem zit veel koper. Mensen kopen het graag omdat je er veel producten van kunt maken. Toch verdienen de Zambianen er nauwelijks iets aan omdat bijna alle kopermijnen in het bezit zijn van buitenlandse eigenaren.
Meer dan de helft van de Zambianen leeft onder de armoedegrens. Vooral op het platteland.
Een groot probleem in Zambia is de ziekte aids. Ongeveer 14 procent van de Zambianen heeft aids of is besmet met hiv. Er zijn heel veel weeskinderen, omdat hun ouders zijn gestorven door deze besmettelijke ziekte.


Vlakbij de stad Livingstone valt de Zambezi 108 meter naar beneden. Dit zijn de Victoria Watervallen van bijna twee kilometer breed.


Geschiedenis

In Zambia wonen verschillende stammen. De oorspronkelijke bewoners hoorden bij de San, een stam die voedsel verzamelde en op wild joegen. Vanaf het jaar 0 trokken er andere stammen, de Bantoe, naar het gebied. Zij verjoegen de San en nu horen de meeste inwoners bij één van de Bantoe-volkeren.
Vanaf 1500 gingen Europese handelaren reizen maken over zee. Ze veroverden gebieden in andere werelddelen en werden er de baas. Ook reisden er zendelingen naar Afrika, zoals de Engelsman David Livingstone. Hij noemde de enorme watervallen in de Zambezi naar de Engelse koningin uit die tijd: de Victoria Watervallen. Een andere Engelsman, Cecil Rhodes, kwam naar Afrika voor alle stoffen die daar in de grond zitten, zoals koper. Hij nam een groot gebied in bezit en noemde het naar zichzelf: Rhodesië. Hij en zijn opvolgers werden er de baas en de Bantoe-volkeren moesten hard werken voor weinig geld. In 1964 werd het land zelfstandig en Kaunda werd de eerste president.


Armoede en plezier

Zambia is nu zelfstandig, toch is een groot deel van de bevolking arm. Door de slechte gezondheidssituatie worden mensen niet oud. Niet iedereen heeft schoon drinkwater, veel mensen hebben honger en leven in armoe. Gezondheidszorg is wel gratis, maar mensen wonen vaak ver van een ziekenhuis en hebben geen auto.
Niet alle kinderen gaan naar school. Alleen als je een uniform hebt, mag je naar school. Veel ouders kunnen dat niet betalen.  
Omdat er op het platteland weinig werk is, trekken veel mensen naar de stad, bijvoorbeeld naar Kitwe. Daar liggen kopermijnen. Het werk in deze mijnen is ongezond. De arbeiders wonen in kleine huisjes aan de rand van de stad. In het centrum staan grote kantoren en supermarkten. De meeste winkels zijn van buitenlanders. Rijke Zambianen zoals zakenlui of politici wonen in het centrum.
Zambia heeft een mooie natuur en veel wilde dieren. Daarom komen er toeristen naar het land. Maar de bevolking profiteert daar niet echt van. Want de hotels en vakantiehuizen zijn van buitenlandse eigenaren.
Armoede of niet, mensen maken ook plezier. Ze houden erg van muziek. En voor de meeste Zambianen is voetbal erg belangrijk. De spelers van het nationale elftal zijn beroemdheden. Kinderen voetballen waar ze maar kunnen, vaak met zelfgemaakte ballen van aan elkaar gesmolten plastic en touw eromheen.



Vrouwen en kinderen in een dorp op het platteland. Mensen wonen in hutten zonder waterleiding. Schoon drinkwater halen ze uit een waterput.

Dit is een samenvatting van Informatieboekje 18 Zambia.

Details en informatie

  • Titel: Zambia
  • Auteur(s): Bo Buijs
  • Nummer: 18
  • Niveau: 3
  • Siso: J Zambia 991