Noordhoff Uitgevers

Zo word je acteur

Wil jij acteur worden? Dan kun je nu alvast wat oefenen. Je kunt leren je in te leven in anderen. Bijvoorbeeld door goed te kijken en te luisteren naar mensen om je heen. Hoe bewegen ze, hoe praten ze? Ook kun je voor de spiegel oefenen dat je iemand anders bent.
Als je wilt weten of toneelspelen echt iets voor jou is, kun je een cursus volgen. Of misschien is er in jouw woonplaats wel een jeugdtheaterschool. Daar leer je niet alleen toneelspelen. Je krijgt ook meer zelfvertrouwen en leert goed met anderen samenwerken. Ook leer je duidelijk spreken en lange teksten goed onthouden.
Acteurs spelen meestal in een theater. Maar je ziet ze ook op televisie. Of op straat bij straattheater.

Iedere zomer zijn er festivals op straat. Vaak zijn er ook speciale voorstellingen voor kinderen.

Veel soorten acteurs

Sommige acteurs spelen graag stukken die heel oud zijn. De teksten lijken soms wel gedichten. Dit soort toneel heet klassiek toneel. Andere acteurs spelen liever grappige rollen. Bijvoorbeeld in een comedy (zeg: kommuddie). In deze stukken loopt het altijd goed af met de hoofdpersoon. Weer andere acteurs houden ook van zingen en dansen. Zij spelen liever in een musical.
In pretparken en openluchtmusea kom je ook vaak acteurs tegen. Zij spelen dan een rol die bij het thema van het park past. In Archeon spelen ze bijvoorbeeld Romeinen of ridders.
Een heel andere manier van toneelspelen is situaties naspelen. Bijvoorbeeld bij de opleiding voor treinconducteur. Daar spelen acteurs dat ze lastige treinreizigers zijn die ruzie zoeken. De leerlingen leren dan hoe je met zulke mensen moet omgaan.

Regelmatig worden er grote rampen geoefend. De acteurs spelen slachtoffers die zwaar gewond of overleden zijn.

Voor en achter de schermen

Voordat je naar een toneelacademie gaat, kun je een vooropleiding doen. Als je zestien jaar of ouder bent, kun je een LOT-cursus volgen. LOT betekent: Landelijke Oriëntatiecursus Theaterscholen Nederland. Tijdens deze vooropleiding of cursus ontdek je wat je goed kunt en wat je moeilijk vindt.
In Nederland zijn vier toneelacademies. Om erop te komen heb je een havo- of vwo-diploma nodig. En je moet een selectiecursus doen. Als je wil acteren, dansen én zingen kun je in Amsterdam een opleiding volgen.
Misschien vind je werken in een theater leuk, maar wil je geen acteur worden. Dan zijn er veel andere mogelijkheden. Misschien is regisseur wat voor je. Jij bedenkt dan hoe de acteurs zo goed mogelijk een stuk kunnen spelen. Bij een theaterserie voor televisie heb je een cameraman nodig. Hij neemt alle stukjes van de serie, de scènes, op. Een editor ( zeg: eddietur) knipt de beste stukjes uit de opnames en plakt ze aan elkaar. Samen met de regisseur zoekt hij de muziek uit die bij de aflevering te horen zal zijn.
Bij een theatergezelschap werken ook technici. Die zorgen voor het geluid en licht bij de theatervoorstelling. De acteurs moeten voor de voorstelling gekapt en opgemaakt worden. Dat doet de grimeur. Misschien ben jij wel de juiste persoon om mooie theaterkostuums te ontwerpen. Of decors.
Je ziet dat er in het theater veel mogelijkheden zijn.

Details en informatie

  • Titel: Zo word je acteur
  • Auteur(s): Bo Buijs
  • Nummer: IC266
  • Niveau: 3
  • Siso: J 790.4