Noordhoff Uitgevers

Zo word je automonteur

Er zijn veel merken en typen auto's. Het werk van een automonteur is daardoor nooit saai. Als er iets met een auto mis is, kan een monteur dat repareren. Hij moet ervoor zorgen dat een auto daarna weer veilig en goed rijdt. Een automonteur moet verstand van techniek hebben en die kennis bijhouden. In een kleine garage hebben de monteurs direct met de klanten te maken. Voor de meeste mensen is hun auto belangrijk. Ze willen graag weten wat er mis is en wat er gedaan moet worden. Daarom moet een monteur goed met mensen om kunnen gaan.

Monteurs bespreken tijdens de koffie wat er die dag moet gebeuren.

Repareren en controleren

Als er iets met een auto aan de hand is, belt de eigenaar met de garage. De receptionist bespreekt met de klant wanneer de auto gerepareerd kan worden, wat er moet gebeuren en wat het ongeveer zal gaan kosten. De receptionist maakt van elke opdracht een werkorder. Alle werkorders komen op een planbord (zeg: plenbord) te hangen. Dan kunnen alle monteurs zien wat er moet gebeuren.
In een auto zitten veel onderdelen die kunnen slijten. Daarom krijgt elke auto die ouder is dan drie jaar een apk, een algemene periodieke keuring.. Bij zo'n onderhoudsbeurt of servicebeurt kijkt een monteur de auto helemaal na. Hij kijkt met een diagnose-apparaat of er ergens een storing is.

In een auto zitten veel onderdelen en elektronica.

Je kunt automonteur worden door na de onderbouw van het vmbo te kiezen voor de leerweg voertuigentechniek. Daarna kun je doorleren op een regionaal opleidingscentrum (roc), richting autotechniek. Je kunt de bol-opleiding doen, dan ga je veel naar school. Bij de bbl-opleiding leer je vooral bij een bedrijf. Ook als je klaar bent met de opleiding moet je blijven leren. Want de techniek van auto's verandert regelmatig. Sommige garages zijn dealer van een bepaald automerk. Monteurs die daar werken, moeten naar cursussen van dat merk. Want bij elk nieuw type auto zijn er weer nieuwe snufjes.

Ervaren monteurs kunnen gaan werken bij de Wegenwacht. Wie 'pech onderweg' heeft, kan die dienst bellen. Het telefoontje komt binnen bij een centrale, waarna de telefoniste een monteur stuurt. Een Wegenwachter moet van alle merken en typen auto's iets af weten. Hij voert een reparatie uit, vaak gewoon langs de kant van de weg. Hij probeert ervoor te zorgen dat de automobilist in elk geval verder kan rijden. Vaak moet de auto daarna nog naar een garage voor een echte reparatie. Een auto van de Wegenwacht zit vol met apparaten en tangen. Maar een Wegenwachter gebruikt soms ook een paperclip of een stuk touw om een noodreparatie uit te voeren.

Details en informatie

  • Titel: Zo word je automonteur
  • Auteur(s): Ferdinand Pronk
  • Nummer: IC194
  • Niveau: 3
  • Siso: J 657.76