Noordhoff Uitgevers

Zo word je boswachter

Als je moet vertellen wat een boswachter allemaal doet, ben je niet snel klaar. Want een boswachter heeft veel taken, binnen en buiten. Het hele jaar door is er werk. Aan het eind van de zomer worden de natuurlijke graslanden gehooid. In de herfst en winter worden er bomen omgezaagd, zodat andere bomen meer licht en lucht krijgen. In het voorjaar en in de zomer organiseren boswachters excursies, wandelingen en gps-tochten voor bezoekers. Ook observeren en inventariseren ze de dieren en planten in hun gebied.
Een boswachter werkt vaak alleen, maar soms ook met collega's en vrijwilligers.
Soms ontdekt een boswachter dat er afval achtergelaten wordt. Als Buitengewoon Opsporingsambtenaar mag hij een bekeuring uitschrijven als hij mensen betrapt.


Vrijwilligers helpen met het schoonmaken van sloten, herstellen van paden of het snoeien van struiken of bomen.

Variatie

Als boswachter kun je werken bij natuurorganisaties als Staatsbosbeheer of Natuurmonumenten. Of bij een van de 12 provinciale landschappen.
De meeste boswachters willen graag zoveel mogelijk variatie in het bos. Dan zijn er ook meer leefplekken voor verschillende dieren. Op sommige plaatsen waar vroeger heidevelden waren, worden deze weer teruggebracht. Dat is een karwei van vele jaren. Tegelijk met het uitvoeren van het plan is monitoren belangrijk. Eerst worden de bomen weggehaald. Dan beginnen de vrijwilligers met plaggen. Na het plaggen komen de zaadjes van heideplanten, die jarenlang onder de grond zaten, weer tot leven. De heide wordt wel bijgehouden, want er groeien steeds weer nieuwe boompjes en struiken. Vrijwilligers trekken die eruit. Twee keer per jaar komt de herder met zijn kudde. De schapen vreten gras, jonge boompjes en struiken op.

Opleiding

Wil jij boswachter worden? Dan houd je van de natuur. En je bent niet bang voor een beetje kou of regen. Je moet een goede conditie hebben en handig zijn. Het is belangrijk dat je goed kunt samenwerken én goed alleen kunnen werken. Een boswachter vindt het fijn om zijn interesse en liefde voor de natuur te delen met bezoekers. Soms gebeuren er ook wel nare dingen, bijvoorbeeld als er een dier of een bezoeker gewond raakt. Dan moet je als boswachter weten wat je moet doen.
Eerst moet je een vmbo-diploma halen op een groene school. Daarna kun je 3 of 4 jaar naar een mbo voor de opleiding bos- en natuurbeheer.
Voor een hbo-opleiding kun je bijvoorbeeld terecht bij hogeschool Van Hall in Velp. Daar kun je ook een opleiding volgen als je in de tropen als bosbouwer wilt werken. Je kunt er ook studeren voor landschapsadviseur. Nog een stapje hoger is een studie aan de universiteit van Wageningen, bijvoorbeeld voor landschapsarchitect.
Wil je geen boswachter worden, maar wel graag in de natuur werken, dan kun je met een mbo-opleiding gaan werken bij een bosaannemer. Of je wordt voorlichter bij een biologisch centrum. Werk je graag met tuinplanten, dan kun je als hovenier aan de slag. En vind je dieren interessant, dan is jachtopziener een mogelijkheid. Je beheert een jachtgebied en zorgt voor het wild, zoals wilde zwijnen en herten.


De boswachter die in een waterrijk gebied werkt, zoals De Wieden, heeft een vaarbewijs, omdat hij met een jeep niet overal kan komen. Met zijn boot kan hij achter mensen aan gaan die hard varen of nesten van watervogels vernielen.


 

Dit is een samenvatting van Informatieboekje 372 Zo word je boswachter.

Details en informatie

  • Titel: Zo word je boswachter
  • Auteur(s): Josée Gruwel
  • Nummer: IC372
  • Niveau: 3
  • Siso: J 636.1