Noordhoff Uitgevers

Zo word je modeontwerper

Ben je dol op mooie kleding? Draag je graag net iets anders dan wat je in de winkel kunt kopen? Of net iets anders dan wat iedereen draagt? Misschien is het beroep van modeontwerper dan iets voor jou.
Bij de meeste modemerken komt er vier keer per jaar een nieuwe collectie uit. Die wordt gepresenteerd op de catwalk. Tijdens zo'n show moeten de modellen zich snel omkleden, want ze moeten veel kleding laten zien.
Er bestaan veel soorten kledingontwerpers. Sommigen ontwerpen kleding voor kinderen. Anderen ontwerpen kleding voor modemerken. Als een ontwerper heel beroemd wordt, noem je zo iemand een topontwerper. Voorbeelden van Nederlandse topontwerpers zijn Viktor & Rolf. Hun kleding is zelfs in musea tentoongesteld.

Op de catwalk zie je het niet, maar achter de schermen van een modeshow is het een drukte van belang. De modellen moeten zich razendsnel omkleden, maar ook hun haren en make-up moeten worden bijgewerkt.

Wat doet een modeontwerper?

Modeontwerpers laten zich door allerlei dingen inspireren. Bijvoorbeeld door een bloem. Of door een berg rommel, omdat ze daarin kleuren zien die goed bij elkaar passen, een mooie kleurencombinatie. Vaak maken ze er een foto of een tekening van. Als ze een onderwerp of thema hebben bedacht voor een nieuwe collectie, maken ze meestal eerst schetsen. Ze bedenken welke stoffen en kleuren ze willen gebruiken. Van de schetsen maken ze op de computer een technische tekening. Alle naadjes, knopen en stiksels staan erop. Er staat ook bij hoe lang en breed alles moet zijn. Met de technische tekening als voorbeeld wordt een patroon gemaakt. Er zijn ontwerpers die dat zelf doen, maar soms maken anderen de patronen voor hen. Van ieder patroon wordt één exemplaar gemaakt, dat is het proefmonster. En als dat helemaal goed is, kan het nieuwe ontwerp worden geproduceerd.
Sommige ontwerpers doen echt alles zelf. Zij ontwerpen ook de stoffen die ze gebruiken voor hun collectie. Of de dessins op de stoffen.

Het is spannend om te kijken of wat je als modeontwerper bedacht hebt er straks ook zo uit komt te zien als je dacht.

Wat kun je nu al doen?

Als je later modeontwerper wil worden, kun je nu alvast beginnen met heel goed te kijken. Bijvoorbeeld naar kleuren en vormen. Of naar kunst in musea. Een goed idee is om plaatjes te verzamelen uit tijdschriften. Dingen die jou inspireren, die je gek of leuk vindt. Je kunt natuurlijk ook proberen om zelf al iets te ontwerpen. Je kunt schetsen maken en proberen of je daar een patroon van kunt maken. Misschien kan een van je ouders daarbij helpen. Als je wil leren naaien op een machine, zijn er speciale naaicursussen voor kinderen.
Om modeontwerper te worden, heb je havo nodig. Wiskundig inzicht is handig als je patronen wil maken. Daarna kun je ervoor kiezen naar een kunstacademie te gaan, waar ze de richting Modevormgeving hebben. Zo'n opleiding duurt vier jaar. Er zijn ook speciale modeopleidingen, zoals de Academie Vogue in Amsterdam. Die opleidingen duren meestal drie jaar.
Als je graag iets met kleding wil doen, maar geen ontwerper wil worden, is het beroep van coupeur (zeg: koepeur) misschien iets voor jou. Je tekent dan patronen en zet daarna de kleding zelf in elkaar op de naaimachine.
Je kunt ook kiezen voor modestylist. Je geeft dan kledingadvies aan mensen die zelf niet goed weten wat bij hen past. Als stylist kun je ook voor een televisieprogramma of voor een film gaan werken. Je zorgt dan dat de acteurs mooi zijn aangekleed. Of dat de kleding past bij de tijd waarin de film speelt.

Details en informatie

  • Titel: Zo word je modeontwerper
  • Auteur(s): Bo Buijs
  • Nummer: IC280
  • Niveau: 3
  • Siso: J 907.1