Noordhoff Uitgevers

Amfibieën

Amfibieën zijn er in alle soorten en maten. Ook in ons land leven allerlei soorten kikkers, padden en salamanders. Geen wonder: er is hier veel water en het is vochtig. Amfibieën worden geboren in het water en daar groeien ze ook op. Als ze volwassen zijn, leven ze meestal op het land. Maar elk jaar keren ze terug naar het water om daar eieren te leggen. Dat heet de paddentrek. Net daarvoor, eind februari, zijn ze uit hun winterslaap ontwaakt.
De dunne huid van amfibieën wordt niet beschermd door haren, veren of schubben, zoals de huid van zoogdieren, vogels en reptielen. Daarom leven ze voornamelijk in vochtige gebieden. Amfibieën zijn koudbloedig. Als het warm is, zijn ze erg actief. Bij koud weer bewegen ze traag.

Eten en gegeten worden

Kikkers en padden kunnen behoorlijk veel geluid maken. Dat doen ze met hun stembanden. Groene kikkers hebben kwaakblazen. Ze kwaken als ze op zoek zijn naar een vrouwtje. Dan verschijnen er twee ballonnetjes aan de zijkant van hun kop. Die versterken het geluid, net als de klankkast van een gitaar.
Amfibieën kunnen niet goed horen en hoe ze zien weten we niet. Ze zien niet erg scherp, maar bewegingen kunnen ze wel goed waarnemen.
Amfibieën hebben water nodig om zich voort te planten. Hun eieren hebben geen schaal, zoals een vogelei of een ei van een reptiel. Daarom leggen amfibieën hun eieren in het water. Je hebt in het voorjaar vast wel eens kikkerdril in de sloot zien drijven. Dat zijn de eitjes van de bruine kikker. Uit deze dril groeien kikkervisjes, ook wel larven genoemd. Ze bestaan uit een kop en een staart. Zij groeien uit tot kikkers.
Alle amfibieën zijn vleeseters. Ze eten onder andere vliegjes, kevers en slakken. Amfibieën worden op hun beurt weer gegeten door andere dieren, zoals reigers, snoeken of ringslangen.
Omdat amfibieën zoveel vijanden hebben, hebben ze allerlei manieren om daaraan te ontsnappen. Zij maken gebruik van hun schutkleur. Padden met hun wratjes en bruine kleur lijken op stenen en modder. Zo vallen ze bijna niet op. Andere dieren hebben juist heel felle kleuren, daarmee kunnen ze hun vijanden afschrikken omdat die denken dat ze giftig zijn.

In de dierenwereld is het eten en gegeten worden. Een kikker of pad eet andere dieren.

Salamanders

Salamanders zul je niet zo gauw zien. Dat komt omdat zij geen geluid maken en niet springen. Toch komt de watersalamander veel in tuinen voor, ook in de stad. Het vrouwtje van de salamander legt haar eitjes niet in het water, maar op blaadjes van een waterplant. Daarna vouwt ze het blaadje dicht om het eitje beter te beschermen.
Het gaat niet goed met de amfibieën. Overal op aarde gaan ze sterk achteruit. Een groot aantal wordt met uitsterven bedreigd. De oorzaak is meestal de mens. Door de aanleg van wegen, woonwijken en landbouwgebieden is het leefgebied van veel amfibieën kleiner geworden. Door watervervuiling verdwijnen ook veel amfibieën. Met hun gevoelige huid hebben ze gauw last van schadelijke stoffen in het water. In de meeste Europese landen zijn alle amfibieën beschermde diersoorten. In Nederland mag je wel kikkerdril meenemen en laten uitkomen. Maar alleen als je er goed voor zorgt en de kikkertjes weer terugzet in de sloot.

Nederland kent vijf soorten salamanders. Dit is de vuursalamander.

Details en informatie

  • Titel: Amfibieën
  • Auteur(s): Ferry Siemensma
  • Nummer: IC272
  • Niveau: 3
  • Siso: J 598.2