Noordhoff Uitgevers

De auto

Overal in Nederland zie je auto's. In je straat, bij school, op de snelweg. Er rijden in Nederland ongeveer 7 miljoen auto's rond. Elke dag komen er nog 1000 tot 1500 auto's bij. Want mensen vinden het fijn om een eigen auto te hebben. Een wereld vol auto's is voor ons heel gewoon. Maar zo'n 130 jaar geleden bestonden ze nog niet. Mensen gebruikten toen karren en paarden. In 1885 bouwde de Duitser Carl Benz de eerste auto. Hij had een motor die op brandstof liep, een stof die wordt verbrand om energie en kracht te geven. Die brandstof was benzine, toen net uitgevonden.











Auto's waren in de begintijd nog heel duur. Ze werden namelijk met de hand gemaakt.

Soorten en maten

Auto's zijn er in allerlei soorten en maten. Of, in autotermen: merken en modellen. De sedan is een type met een aparte kofferbak. Je kunt er alleen van buitenaf in. Kun je van binnenuit in de kofferbak, dan is het type een hatch-back (zeg: hetsjbek). Een extra lange hatch-back is een stationcar (zeg: steesjenkar). Dan heb je auto's waarvan het dak open kan. Dat is een cabriolet. Je hebt kleine auto's zoals de Smart. Je kunt er maar met z'n tweeën in zitten. Een Smart gebruikt weinig benzine. Hij is heel zuinig. Op de weg zie je wel eens een grote, vierkante auto. Hij lijkt op een terreinwagen, maar is dat niet. Het is een SUV (zeg: esjoewvie). Hij gebruikt veel benzine, en wordt ook wel een benzine-slurper genoemd.









Vier verschillende types personen-auto's.

In 1913 opende Henry Ford de eerste autofabriek. Auto's konden vanaf toen veel sneller gemaakt worden. Ze werden dus steeds goedkoper, en daardoor konden meer mensen een auto kopen. In de hele wereld staan nu autofabrieken. Er worden allerlei merken en modellen gemaakt. Sommige fabrieken maken alleen motoren of andere onderdelen. In andere fabrieken worden die onderdelen in elkaar gezet tot een complete auto. Dat heet assemblage (zeg: assem-blaazje). In een autofabriek gaat alles automatisch, met machines. In een grote hal is een lopende band van wel 1,5 kilometer lang. Daar worden alle onderdelen aan de carrosserie, de stalen vorm van de auto, vastgemaakt.

Een auto is handig en leuk, maar niet zo goed voor het milieu. Alle uitlaatgassen vervuilen de lucht. Die gassen ontstaan als de brandstof verbrand is. Ze zorgen ervoor dat het op aarde steeds warmer wordt. Een hybride auto stoot minder uitlaatgassen uit. Het is een elektrische auto met een verbrandingsmotor. Een elektrische auto zonder verbrandingsmotor is nog beter. Zo'n auto rijdt op een accu. De accu levert de elektriciteit waarop de elektromotor draait. Is de accu leeg, dan laadt je hem via een stopcontact weer op. Alle automerken willen in de toekomst elektrische auto's maken. Ook goed voor het milieu is het om een auto te delen. Dat kan prima als je maar af en toe een auto nodig hebt. Je gebruikt hem dan samen met andere mensen.

Details en informatie

  • Titel: De auto
  • Auteur(s): Jakob van Sonderen
  • Nummer: JC243
  • Niveau: 1
  • Siso: J 657.71