Noordhoff Uitgevers

Dyslexie

De meeste kinderen leren behoorlijk snel lezen. Maar er zijn ook jongens en meisjes bij wie dat moeilijk gaat. Die hebben ook op de middelbare school nog moeite met het lezen van woorden. Deze kinderen maken ook heel veel spelfouten. Daarom worden ze vaak uitgelachen. Mensen denken dat ze dom zijn. Maar meestal is dat niet waar. Die kinderen kunnen bijvoorbeeld wel heel goed rekenen. Ze zijn heus wel slim. Ze hebben alleen een handicap. Er is iets in hun hersenen dat niet zo werkt als bij andere mensen. Zij hebben dyslexie. Daar kunnen deze kinderen niets aan doen. Ze zijn er mee geboren. Maar lastig is het wel voor ze.

Petra heeft moeite met spellen. Ze is dyslectisch.

Moeilijk lezen

Als je begint met lezen, leer je eerst alle letters herkennen. Daarna leer je hoe die letters samen een woord vormen. En daarna leer je hoe die woorden zinnen vormen. Meestal ga je alleen in het begin met je vinger langs de woorden en lees je die letter voor letter.

Je gaat met je vinger langs de woorden en leest ze letter voor letter.

Na een tijdje herken je stukken van woorden of soms hele woorden. Die zijn in je hoofd opgeslagen. Tijdens het lezen zie je meteen welk woord er staat. Dat groeit automatisch zo in je hersenen. Als je dyslexie hebt, gaat lezen niet zo gemakkelijk. Dan herken je de woorden niet vanzelf. Je blijft dan heel lang letter voor letter lezen, hoeveel je ook oefent. Dyslectische kinderen willen net zo snel kunnen lezen als de anderen in de klas. Dus gaan ze raden wat er staat. Dat heet radend lezen. Maar daardoor maak je natuurlijk heel veel fouten. In Nederland zijn er 90.000 schoolkinderen met dyslexie. Dat zijn 3000 schoolklassen vol.

Niet alle kinderen hebben evenveel problemen. Sommigen zijn erger dyslectisch dan anderen. Er zijn bijna vier keer zoveel jongens als meisjes met dyslexie. Maar allemaal zijn ze met de handicap geboren. Dyslexie is erfelijk. Het zit in de familie. Niemand weet eigenlijk wat de oorzaak is van dyslexie. Vroeger dachten ze dat er iets mis met je ogen was. Mensen met dyslexie noemden ze toen woordblind. Ze kregen een speciale bril op bij het lezen. Met die bril kon je maar één woord tegelijk zien. Maar het hielp allemaal niets.

Nu zoeken de geleerden de oorzaak ergens in de hersenen. Die bestaan uit allemaal verschillende stukjes. Al die stukjes hebben een eigen taak. Zo is er ook een deel voor de taal. Dat heet het taalgebied.

Elk stukje van onze hersenen heeft een eigen taak.

Sommige geleerden denken dat dyslectische mensen een afwijking in dat taalgebied hebben. Anderen geloven dat het ingewikkelder is. Maar niemand weet het nog zeker. En zo lang niemand nog een oplossing heeft gevonden, moeten mensen met dyslexie op een speciale manier les krijgen op school. Ze oefenen met veel plaatjes en in hun eigen tempo.

Details en informatie

  • Titel: Dyslexie
  • Auteur(s): Zeger van Mersbergen
  • Nummer: IC054
  • Niveau: 3
  • Siso: J 464