Noordhoff Uitgevers

Hart

Het hart is een holle spier. Het pompt het bloed door je lichaam. In het bloed zitten zuurstof en andere voedingsstoffen. Je spieren en organen hebben dat nodig om hun werk te kunnen doen. Het hart zit links in de borstkas, achter de ribben. Het is zo groot als een vuist. Het hart heeft twee helften. In elke helft zit bovenin een boezem en onderin een kamer. Via een ader komt het bloed in de boezems het hart binnen. Via de kamers gaat het bloed het hart uit, een slagader in. Tussen de boezems en de kamers zitten hartkleppen. Die werken als sluisdeurtjes. Ze kunnen maar naar één kant open. Daardoor kan het bloed ook maar één kant op.

Het hart verwerkt vier tot vijf liter bloed per minuut.

Het klopt

Elke keer als je hart uitzet en inkrimpt, hoor je een klopgeluid. Jouw hart klopt (of eigenlijk pompt) tussen de 80 en 100 keer per minuut. Bij volwassenen is het tussen de 60 en 80 keer. Bij ongeboren baby's is het tussen de 120 en 160 keer per minuut. Als je je inspant, gaat je hart sneller kloppen, tot wel 200 keer per minuut. Ook van emoties kan je hart sneller gaan slaan, bijvoorbeeld als je naar een enge film kijkt. Of als je ruziemaakt. Of als je die jongen ziet op wie je een beetje verliefd bent.

Iemand kan jouw hartslag meten door twee vingers op je pols te leggen. Je kunt het ook zelf doen. Tel het aantal keren dat je hart in één minuut klopt.

In de oudheid wisten mensen al hoe het hart eruitzag. Als mensen of dieren dood waren, sneden ze het hart eruit voor onderzoek. De Grieken en de Romeinen dachten dat het gevoel in het hart zat. Dat klopt eigenlijk wel een beetje, want bij sterke emoties gaat het hart sneller kloppen. De Egyptenaren dachten dat het geweten in het hart zat. Iemand die veel slechte dingen deed, had volgens hen een zwaar hart. In de middeleeuwen verbood de Kerk om in dode mensen te snijden. Officieel kon er dus geen onderzoek meer gedaan worden naar het hart. Toch gebeurde het wel. Stiekem, want mensen zijn toch nieuwsgierig. Zo werd in 1628 de bloedsomloop ontdekt.

Op je hart moet je heel zuinig zijn. Zorg er dus goed voor. Dat kun je doen door regelmatig te bewegen. Sporten is ook prima natuurlijk. Gezond eten is ook belangrijk. Te veel en te vet eten is slecht voor je hart. In brood, aardappelen en pasta zit zetmeel en dat is nodig voor energie. Groente en fruit zijn belangrijk omdat er vitaminen in zitten. Roken is heel slecht voor je hart. De nicotine in de sigaret verhoogt de bloeddruk en tast de wanden van de bloedvaten aan. Als je eenmaal rookt, is het moeilijk om te stoppen. Begin er daarom maar gewoon niet aan! Je hart zal je dankbaar zijn.

Details en informatie

  • Titel: Hart
  • Auteur(s): Jos van Hest
  • Nummer: JC180
  • Niveau: 2
  • Siso: J 600.52