Noordhoff Uitgevers

Zo word je minister-president

De minister-president is voor veel mensen de belangrijkste man van Nederland. Hij is de leider van de regering. Die probeert van Nederland een beter land te maken waar het voor iedereen fijn is om te wonen. De minister-president is voortdurend bezig met de toekomst van Nederland. Daarom praat hij ook graag met kinderen. Want kinderen zijn de toekomst.

Minister-president word je niet zomaar. Er is geen opleiding voor. Je moet veel ervaring hebben op allerlei gebieden. En je moet het liefst aan een universiteit hebben gestudeerd. Geschikte studies zijn bijvoorbeeld rechten, politicologie of economie. Verder moet je bijvoorbeeld goed kunnen overleggen, moeilijke beslissingen durven nemen en veel interesse hebben in de maatschappij. Je moet geen minister-president worden als je snel rijk wilt worden. De 'belangrijkste' persoon van Nederland verdient maar ongeveer 10 duizend euro per maand. Een directeur van een groot bedrijf verdient vaak veel meer.


Jan-Peter Balkenende werd in 2002 minister-president.

Het werk van een minister-president is erg afwisselend. Hij komt op veel verschillende plaatsen en ontmoet veel mensen. Af en toe reist hij naar het buitenland om met andere regeringsleiders te praten. Daar praat hij over problemen waarmee alle landen te maken hebben, zoals terrorisme en werkloosheid. Iedere vrijdag overlegt de minister-president met zijn ministers. Elke minister heeft een eigen taak. Zo is er een minister voor onderwijs en één voor verkeer. Dat overleg heet de ministerraad. De minister-president is de voorzitter van die raad. Hij neemt daarin samen met de andere ministers belangrijke beslissingen, bijvoorbeeld over nieuwe wetten. Elke maandag gaat de minister-president op bezoek bij de koningin. Zij is het staatshoofd. De minister-president praat met haar over alle belangrijke problemen. Verder gaat hij vaak op werkbezoek. Hij bezoekt dan scholen, ziekenhuizen, buurthuizen of opent bijvoorbeeld een nieuwe brug.

Alle ministers samen vormen het kabinet. Samen met de koningin vormen de ministers de regering. Maar de ministers zijn niet de baas in Nederland. Dat zijn de mensen van de Tweede Kamer. Die zijn door het volk, de Nederlanders, gekozen. De Tweede Kamer controleert de ministers. Als een minister of minister-president zijn werk niet goed doet, kan de Tweede Kamer hem om uitleg vragen en zeggen dat hij zijn werk beter moet doen. De minister-president komt vaak in de Tweede Kamer om met de kamerleden te praten en uitleg te geven.

Elk jaar maakt de minister-president samen met zijn ministers nieuwe plannen voor de toekomst van Nederland. Dit regeringsbeleid wordt op prinsjesdag bekendgemaakt door de koningin. Zij leest dan de Troonrede voor, waarin de nieuwe plannen staan. Om goed beleid te kunnen maken, praat de minister-president met veel mensen en laat hij onderzoek doen.

De minister-president werkt in Den Haag, op het Binnenhof. Daar zijn de regeringskantoren. De minister-president is meestal de lijsttrekker van de partij die de verkiezingen heeft gewonnen. Je wordt lijsttrekker als je goede ideeën hebt om van Nederland een beter land te maken en als je daar goed over kunt praten. Natuurlijk moet je ook leiding kunnen geven aan een partij.

Hoe weet je of je geschikt bent om minister-president te worden? Je moet daarvoor op de eerste plaats veel interesse hebben in de samenleving. Je moet van studeren houden en graag met anderen over je ideeën praten. En het is erg belangrijk dat je goed leiding kunt geven.


De minister-president werkt in het Torentje op het Binnenhof.

Details en informatie

  • Titel: Zo word je minister-president
  • Auteur(s): Victor Melenhorst
  • Nummer: IC161
  • Niveau: 3
  • Siso: J 393.35